
Eventjes een hele korte: ga met z’n allen weer eens kijken op de site van Zone5300, waar uw razende reporter Kitty van KNN erin slaagt Mohammed B. te spreken te krijgen. “Ik erken alleen journalistiek, gebaseerd op de koran.”

Ook nieuw op de leestafel: de nieuwe Zone 5300. Nog altijd maar 5,75 bij de betere boekhandel en dan krijg je een kaft vol strips, cultuur en curiosa. Met deze keer onder andere strips van de Israeliër Koren Shadmi en de Serviër Vladan Nikolic.

‘Moordende concurrentie’ is het album met de meest turbulente ontstaansgeschiedenis. Het ontstond in een periode waarin Kuijpers op grote schaal schnabbelde, voor onder andere het Ministerie van Onderwijs, de verzamelde ziekenfondsen en Philips. Dat probeerde hij zo te in te delen dat hij commercieel materiaal kon hergebruiken voor een Franka-verhaal.
Zo schreef hij voor het magazine ‘Straks studeren’ een vervolgverhaal van acht pagina’s, ‘Het halssnoer’, dat later een episode werd in ‘Moordende concurrentie’. Drie pagina’s voor de Rijam agenda werden ook hergebruikt. Alles volgens plan uiteraard: het grote verhaal was er eerst, de scènes werden eruit geknipt en uitgewerkt om afzonderlijk verkocht te kunnen worden. Daarvoor waren natuurlijk wel enige aanpassingen nodig, zodat Kuijpers het materiaal moest bewerken voor inpassing in het album.

Het is 2026. Nike Hatzfield is de man met het fenomenaalste geheugen ter wereld. Steeds verder terug graaft hij, ten koste van niet aflatende hoofdpijn, tot hij is aangeland bij het moment waarop hij met Leyla en Amir omhoog keek door een gat in het dak van een ziekenhuis in Sarajevo, 1993. De wereld van 2026 wordt gedomineerd door de kunstenaar Optus Warhole, die de artistieke kanten van massamoord verkent. Maar zijn naam geeft al aan dat hij net zo goed de herinnering kan zijn aan het licht dat door het oorlogsgat viel.
In zijn cyclus ‘De slaap van het monster’ verwerkt de Bosnisch-Franse striptekenaar en filmregisseur Enki Bilal de Bosnische oorlog in de vorm van een onnavolgbaar science-fiction verhaal. De speurtocht van Leyla, Amir en Nike naar elkaar, door vele dimensies die hangen tussen werkelijkheid, droom en vervormd geheugen, is de leidraad, ook in het net verschenen derde deel, ‘Afspraak in Parijs’. Enki Bilal is bij vlagen net zo obscuur als James Joyce, maar zuigt niettemin onvermijdelijk aan je belangstellingsorganen.

Vlak voor de stripdagen in Haarlem is de nieuwe Zone 5300, het leukste striptijdschrift van Nederland (ook voor liefhebbers van eigenzinnige film, muziek en proza), van de drukker gekomen, vol met werk van Scandinavische tekenaars. Dat komt mooi uit, want het thema van de stripdagen ligt ook in het noorden.
En nee, dit initiatief is geen reactie op de beruchte cartoonoorlog. Al krabden we ons wel even achter het oor toen ons plan al in gang gezet was en de hele wereld ineens geïnteresseerd raakte in Deense tekenaars. Je bent op zo’n moment toch bang dat je blad als mosterd na de maaltijd komt. Dat is gelukkig niet het geval. Ter geruststelling: de Mohammed cartoons in Zone zijn uitermate tam.

Het heeft even geduurd, maar de nieuwe Zone 5300 is uit. Het is de eerste onder verantwoordelijkheid van de nieuwe uitgever Rotown Magic, waar ik voorzitter van ben. Maar dat is dan ook het enige nieuwe – verder leest het als vanouds.

Eindelijk weer eens tijd voor iets anders. Gisteren verscheen, vooruitlopend op het muziekthema van de boekenweek, ‘Strips in stereo‘, waarvoor veertien tekenaars een strip gemaakt hebben bij een Nederlands lied. Mooi album op lp-formaat, al is de muziek op cd meegeleverd.
De meesten, zoals Typex en Henk Kuijpers, hebben één op één de tekst in beeld omgezet, maar Jean-Marc van Tol geeft wel een lekker lugubere draai aan het hinderlijk vrolijke Ding-edong van Teach-in. Vooral Dick Matena en Hanco Kolk hebben zich de moeite getroost er een grafisch hoogstandje van te maken, verder blijft het een gelegenheidsproject dat snel tussendoor geproduceerd is. Maar wel lekker een uurtje lezen met Normaal en Guido Belcanto op de koptelefoon.


Toen elektrotechnisch ingenieur Yoko Tsuno in 1968 voor het eerst gestalte kreeg onder de pen van Roger Leloup, was ze in meerdere opzichten een unicum. Ten eerste was ze een vrouwelijke stripheld in een tijdperk waarin strips een vrijwel exclusief mannenuniversum vormden. Katrien Duck hield zich bij het traditionele rolpatroon, de paar vrouwen in Kuifje waren zonder uitzondering dommige wezens en de smurfen leefden zelfs in een totaal vrouwloze wereld (de smurfin deed later haar intrede). Verder had Yoko een kleurtje. Dat was ook op zijn zachtst gezegd bijzonder, aangezien zelfs de eenden van stripland tot het blanke bevolkingsdeel behoorden. Alleen Sjimmie (van Sjors) had ook een kleurtje, maar die was dan weer geen elektrotechnisch ingenieur.

Het verhaal is kort maar het deugt, in alles verraadt het de hand die in La Dolce Vita een Christusbeeld hangend onder aan een helicopter de horizon tegemoet liet vliegen. Mastorna is een cellist die met zijn vliegtuig in zwaar weer terecht komt. Het toestel moet een noodlanding maken op het plein voor de Dom van Keulen, een mirakel dat de toeschouwer de Fellini-wereld binnensleurt.