
Zo, de laatste content (columns, artikelen, recensies en reispagina’s) uit de oude site is overgebracht. Losse pagina’s zijn ingevoegd als logjes, zodat de nummering bij deze een sprongetje maakt. Nu nog die dik 500 oude reacties…

“Meneer, weet u de bus hier naar het station gaat … Het loopt allemaal anders vanwege het carnaval … O, u bent niet van hier? Waarvandaan wel? … Rotterdam … Daar ben ik geboren. … Ja … In west, aan de Mathenesserweg … Daar is nog gebombardeerd.”
“Zaten we met z’n allen klaar met ons koffertje met kleren en fotoalbums. … Ik heb nog op het stadhuis gewerkt, na de oorlog. … Ik ging over de soldatenmeisjes. … De hoertjes. … Die zaten toen allemaal in kampen, daar moesten we wat mee. … Later heb ik voor het GEB gewerkt … Gemeentelijk Energie Bedrijf was dat.”
“Ik heb een verpleegstersopleiding gevolgd in Schiedam. … Zo ben ik uiteindelijk in Den Bosch beland. … Ik woon hier al heel lang nu. … Mooie stad, Rotterdam. … Kijk, daar komt de bus al.”

Allemachtig, dat was een hele klus, waar ik een maand geleden aan begon. Mijn oude, zelf in Dreamweaver gemaakte systeem bleek volstrekt incompatibel met WordPress. Alle permalinks gingen kapot en moesten handmatig hersteld worden.
Verder moest ik de publicatietijden uit Google vissen, omdat ik die niet bijhield, maar WordPress er wel om vroeg. Een heleboel losse pagina’s moesten op de juiste plek in de stroom van posts gevoegd worden. Alle posts kregen een of meer categorieën toegewezen. Ik zit nu alleen nog met zo’n 500 oude reacties die niet automatisch te importeren vielen.
Gelukkig ziet het er wel beter uit nu de reactiemogelijkheid in de site geïntegreerd is. Ik verlies wat edit-mogelijkheden die ik in Dreamweaver had, maar daar staat tegenover dat ik de rss-feed niet meer handmatig hoef aan te maken. De site is wel langzamer nu er een database-technologie achter zit, maar dat neem ik voor lief. De meeste mensen zullen er niks van merken.

Toen ik 25 jaar geleden nog vastbesloten was om een bekende striptekenaar te worden, was Henk Kuijpers mijn grote voorbeeld. Met name de ambachtelijkheid waarmee hij decors tekende wilde ik me ook eigen maken, met als gevolg dat ik maanden bezig was met de openingsplaat van een lang verhaal dat nooit verder zou komen dan anderhalve pagina. Ik gaf de hoop nog eens een goede tekenaar te worden op, en concentreerde me op het schrijven, maar bleef wel altijd een fan van Kuijpers werk.
Deze week werd Franka, Kuijpers hoofdfiguur, door de lezers van het nostalgische stripblad Eppo uitgeroepen tot grootste stripheld van Nederland. Dat heeft ze ongetwijfeld mede te danken aan het feit dat Kuijpers haar steeds meer uit de kleren laat gaan. Zelf heb ik al eerder geconstateerd dat hij zelf vooral nog in decors geïnteresseerd is. Zoals ik ooit, blijkens deze opgegraven tekeningen:

Twee uur vannacht kwam er weer eens een sms’je binnen. Zo onderhand weet ik wel uit welke hoek het komt, maar toch stap ik iedere keer weer uit bed om te kijken wat er is. Je kunt tenslotte niet uitsluiten dat het wel dringend is en wakker ben ik toch. Deze keer luidde de tekst:
“Jullie van GL hebben het uitgaansleven en heel veel mensen kapot gemaakt!”
Tsja, daar kan ik natuurlijk niks mee, zeker niet op zo’n tijdstip. Het zijn van die momenten waarop ik een ontzettende hekel heb aan mijn mobieltje.

Nog voor ik ook maar iets geadverteerd had, had @ingAdriana me al gevonden. Anderen die mijn weblog via Twitter willen volgen, kunnen me voortaan vinden als @cjbjcjbj. Reken er niet op dat ik er continu naar kijk. Dat doe ik met mijn mail niet eens.
Zo, daar zijn de statistieken van 2009. In november liet mijn provider steken vallen en in december verhuisde ik naar een nieuwe, dus alleen over de eerste tien maanden heb ik deugdelijke cijfers. En daar springt één ding in het oog: september was een absolute topmaand qua bezoekers.
Dat was allemaal te danken aan één postje, waarin ik Femke Halsema kapittelde over haar “de islam is een probleem” uitspraak. Ook na september genereerde dat postje nog het nodige verkeer. Dus, eh, Femke bedankt!

Voor wie rare dingen opmerkt in de feed en op de site zelf: dat klopt. Doordat mijn gratis commentprovider Haloscan er op korte termijn de stekker uittrekt, ben ik de boel razendsnel aan het ombouwen naar WordPress. Dat geeft wat overlast, maar ik probeer alles zoveel mogelijk bereikbaar te houden.
Update 31 december: de feed doet het weer helemaal zoals vroeger. Weblog functioneert. Klikken op archief en artikelen in de zijbalk leidt nog naar de oude opzet van de site.

Sinds de universiteit hem op z’n 65ste met pensioen stuurde, reist mijn vader de halve wereld af om colleges te geven in landen waar je op die leeftijd nog niet wordt afgeschreven. Aanbiedingen voor een vaste aanstelling legt hij naast zich neer en hij heeft ook het aantal reizen gerantsoeneerd, maar anders zou hij voor de komende jaren volgeboekt kunnen zijn. Kortom, de hele aow-discussie is aan hem niet besteed.
Deze maand verscheen zijn tweede magnum opus. Het is maar half zo dik als het eerste, maar toch altijd nog een kloeke 450 pagina’s. ‘Jesus Christ in world history’ traceert hoe binnen en buiten het christendom in de loop van twintig eeuwen tegen de figuur van Jezus en tegen zijn volgelingen werd aangekeken.
Verwacht geen Karen Armstrong-achtige rollende zinnen. Mijn vader is meer een encyclopedist. Iedereen die iets belangwekkends over Jezus gezegd heeft, komt aan het woord. Het aantal harde feiten per pagina loopt in de vele tientallen. Op sommige bladzijden nemen de voetnoten meer ruimte in dan de lopende tekst. Gelukkig blijft er ook ruimte voor anekdotes en citaten. Bijvoorbeeld deze van de Sri Lankaanse buddhistische priester Migettuwatte Gunananda, die in 1873 helder liet weten niets in Jezus te zien:
“At the birth of one who is to bring happiness to this world, a good omen must present itself, and as the slaughter of children was not a good sign, there was no doubt that it only portended the introduction of a false religion on earth and consequent evil to man.”

Even een egopostje. Dit weekend zat tussen de post het rapport Wetenschap is voor iedereen van Suzanne Haanappel en Sjaak Brinkkemper (Universiteit Utrecht). Het is een studie naar de popularisering van de informatica en informatiekunde.
Ik ben een van de twee experts die voor het onderzoek aan de tand gevoeld is. Dat jullie even weten dat ik naast een heleboel ongefundeerde opinies ook best nog wel ergens verstand van heb.