
Na een aantal gastbijdragen maak ik vanaf vandaag deel uit van de redactie van Geen Commentaar, een links angehaucht weblog over actuele zaken. De meeste berichten die ik daarvoor schrijf, zullen ook hier blijven verschijnen. Hoe dan ook, na de hyve heb ik nog een podium gevonden om af en toe een ei te leggen.

Kom, laat ik eens wat aan mijn online profiel gaan werken, dacht ik, en maakte een Hyves-account aan. Ik had er wel eens wat rondgeneusd en me erover verbaasd dat het een vrij starre site was, maar met genoeg basic functionaliteit om een leuk speledingetje te zijn. Het bleek er te stikken van de GroenLinksers, die allemaal vriendjes met elkaar waren. Binnen een week had ik vijftig vrienden verzameld.
Zo kreeg ik de smaak te pakken en maakte de overstap naar Linked In, een serieuzere, internationale variant van de vriendensite, waar ik zowaar een collega van Newsweek terugvond met wie ik ooit nog eens in een landrover door de hooglanden van Bolivia gecrosst had. En ik vond een heleboel GroenLinksers die vriendjes met elkaar waren.
Toen werd het tijd voor de finale stap: Facebook, meer sociaal georiënteerd dan Linked In, maar evenmin van het niveau van Hyves. Het enige dat de Amerikanen beter doen is je vertellen bij wie je allemaal verzoeken tot vriendschap hebt uitstaan, want dat was af en toe wel lastig met het tempo waarin ik dacht: hee, die ken ik, die wil ik bij m’n vriendjes hebben. Maar bovenal: heel weinig GroenLinksers bij Facebook. Kom op, jongens, we kunnen het.

Om technische redenen was het op mijn site voor buitendstaanders nooit mogelijk permanente links aan te brengen naar individuele logjes. Eens in de twee maanden archiveer ik namelijk alles en dat gaat met wat hernoemen gepaard. Ik vond dat nooit zo’n probleem, want een weblog is een vluchtig medium en wie kijkt er nou nog om naar berichten van vorige week? Alleen ikzelf, dacht ik.
Maar afgelopen maand kreeg ik een aantal klachten, dus begon ik er toch maar weer over na te denken. En vanochtend wist ik ineens hoe ik het technisch kon realiseren zonder mezelf met extra werk per logje op te zadelen (en zonder over te stappen op een content management system). Dus vanaf nu en met terugwerkende kracht sinds 1 januari: permalinks.

Goed, ik had dus al wel eens van Twitter gehoord, een soort sms-babyfoon op internet, maar sinds gisteren zat het ineens ook op de planeet, dus ja, dan moet het wel heel erg hip wezen en dan kan ik niet achterblijven, maar eigenlijk is dit niet zo aan mij besteed. Gedoe namelijk. Dus eenmalig mijn dag in twitters:
Nou, zeg zelf: dat was me een partijtje interessant, hè? Of zou het dat wel geweest zijn als ik het in twaalf porties door de internets geperst had?

Goed, u krijgt allen van mij de beste wensen, uiteraard, maar eigenlijk is dit een saai logje dat vooral voor mezelf bedoeld is, om wat cijfermateriaal lekker bij de hand te houden. Zoals bezoekersaantallen:
De drukste tijd op het log was eind mei, begin juni, rond de nasleep van de provinciale verkiezingen. Op 30 mei bezochten 753 mensen de site, een absoluut record, net als het aantal reacties (16) op dit postje. Het gemiddeld aantal bezoekers per dag is 286, met over het hele jaar heen 17326 unieke ip’s, dus per dag ontdekten 47 nieuwe mensen de site.
Ja, dat klinkt fraai, maar het is geflatteerd. Zeventig procent van al die mensen leest mijn postjes (346 in totaal) namelijk op Planeet GroenLinks en komt niet op de site zelf (zie ik dankzij het tellertje dat vanaf de planeet naar mijn site terugloopt). Tien procent van de bezoekers gaat via zoekmachines of house-sites direct naar de yazoo-pagina’s. Twintig procent ziet de logs op de site zelf, maar dat zijn er dus nog altijd bijna zestig per dag. Mijn dank is groot, met name jegens hen die sterretjes gaven:


Ik zal wel niet de enige blogger zijn die vandaag een vriendelijk mailtje kreeg van een niet nader te noemen commercieel weblog (hint: het is een doorstart van een failliet tijdschrift). Of ik misschien een logje zou willen wijden aan mijn geheel objectieve mening over hun product.
“P.s: Eventueel is een kleine vergoeding natuurlijk mogelijk, zolang objectiviteit maar niet in het geding komt.”
Ogguttegut, hier heeft een stagiair marketing de eerste doodzonde uit het journalistieke handboek te pakken. Een journalist laat zich niet betalen voor het schrijven van een bericht. Hij beslist geheel onafhankelijk óf hij iets schrijft en zo ja wat. Als hij de eerste vraag laat beïnvloeden door andermans portemonnee, heeft hij de helft van zijn objectiviteit al ingeleverd.

Eerst dacht ik: leuk, dat gloggen met de sterren, we zien wel. Maar jullie weten hoe dat gaat: je kijkt toch regelmatig hoe je ervoor staat. Tegen wil en dank ga je waarde hechten aan je ranking. Je voelt ook een lichte ergernis om mensen die nauwelijks loggen, maar kennelijk een mailtje in hun vriendenkring hebben doen rondgaan om via de ranking-pagina hun positie op te vijzelen, of misschien wel hele avonden via anonieme proxy’s hun sterretje volblaffen, weet ik veel.
Dan blader je nog eens goed door je bezoekcijfers, met name uitkijkend naar de bezoekers die bij planeetgroenlinks vandaan komen, en dan denk je: hoe kan het nou dat mensen mijn logje zo interessant vinden dat ze op het origineel klikken en soms zelfs een reactie achterlaten, maar niet op ster drukken? Gisteren was het goed raak: veel traffic (206 unieke bezoekers), maar nauwelijks sterren. Kortom:
Ik ben uiterst ontevreden over jullie.
Jullie zijn lurkers, luie surfers die te beroerd zijn om hardwerkende loggers als ik een ster onder de riem te steken. Ik haat jullie, ik minacht jullie met heel mijn wezen. Maar jullie kunnen het goedmaken. Hiero.

Ja, ik heb dus maar eens geturfd hoe vaak mijn naam in het GroenLinks Magazine stond deze keer: acht maal. Waarvan welgeteld één keer goed gespeld. Da’s balen, want dat gaat me natuurlijk bezoekers kosten. Gelukkig zullen de meesten me wel via de Planeet (had ik al eens gezegd wat een fantastisch initiatief dat is?) proberen te bereiken. Die achtste plek op de lijst van coole GLoggers zal ik koesteren, al ben ik er uiteraard niet tevreden mee.
In elk geval een mooi initiatief van inmiddels alweer ex-hoofdredacteur Jos van der Lans. Benieuwd in welke hoedanigheid hij binnenkort weer in de partij gaat opduiken.

De navigatie van de site is veranderd. De ruim honderd artikelen over wetenschap, cultuur en politiek die verspreid onder verschillende menu’s stonden, zijn nu allemaal op één pagina toegankelijk. Het aantal artikelen is ook uitgebreid.
Ter verhoging van de feestvreugde heb ik een nieuwe default skin over de site gelegd (met beeld uit Georgië van afgelopen zomer), maar het oude uiterlijk blijft met een druk op de knop oproepbaar.

In de gisteravond verschenen editie van het progressieve online tijdschrift staat namelijk een artikel van mij over een nieuwe generatie milieu-activisme. Voor genetische modificatie, tegen ecologisch voedsel. Niet erg enthousiast over fair trade.
Daar kun je het misschien niet altijd mee eens zijn, maar het zijn wel frisse argumenten om de houdbaarheid van je eigen standpunten tegenaan te houden. Voer voor het GroenLinks beginselprogramma. Zoals de partij zich misschien ook eens moet afvragen of het niet tijd wordt het categorisch nee tegen kernenergie te vervangen door een ja onder voorwaarden.