
Nou, iedereen heeft het kunnen lezen: de gemeente laat Watt nog eventjes bungelen. Sinds we eind vorig jaar ons tekort meldden, zijn we nauwelijks opgeschoten. Dat is natuurlijk niet leuk voor management en medewerkers.
Wat een straightforward zaak leek – de gemeente had toen ze ons eind 2008 deze sanering toevertrouwde een garantie gegeven dat ze het tekort over 2009 zou dekken – dreigt nogal een nachtmerrie te worden. Immers, zodra de woorden ‘dreigend faillissement’ in de krant staan, trekken leveranciers de touwtjes strak. Zie onder die omstandigheden nog maar eens een prominente artiest te boeken voor het najaar.
Enfin, we gaan maar lobbyen bij de nieuwe gemeenteraadsleden, die zich die garantie uiteraard niet herinneren. We houden het vertrouwen dat de gemeente uiteindelijk haar bestuurlijke verantwoordelijkheid zal nemen, maar ze laat ons er wel hard voor werken.

‘Bijna failliet’ klinkt natuurlijk beter dan ‘bijna gered’, dus de eerste variant komt in de media lekkerder door, maar bij mij is sinds gisteren juist een grote last van de schouders gevallen. Er is nog een kans dat het mis gaat, maar in principe is er een akkoord over het voortbestaan van Watt.
Toen we in januari 2009 begonnen, wisten we dat we een volledig nieuwe organisatie moesten opbouwen uit de puinhoop van de vorige eigenaren, die hun zaken zo slecht op orde hadden dat ze binnen een paar maanden na opening failliet dreigden te gaan. Dat ging veel geld kosten, wisten zowel wijzelf als de gemeente. Uiteindelijk werd het 1,8 miljoen: 1,3 verlies in de exploitatie (veel eenmalige opstartkosten, maar ook tegenvallende bezoekers vanwege de crisis) en 0,5 aan ingrepen in het gebouw, zoals de aanleg van een derde concertzaal.
Kortom, ik ben hartstikke trots op de medewerkers van Watt, die binnen een jaar een rendabel bedrijf uit de grond gestampt hebben (we maken nu winst), terwijl het podium gewoon doordraaide. Zij zouden het niet verdienen als de molensteen uit het verleden Watt alsnog de kop zou kosten.

De Dance Parade verlaat Rotterdam, na een slepend conflict met de gemeente over de beveiliging rond het evenement. Van een tocht door de stad was het al terug gebracht tot een Hoek-van-Holland-achtig evenement op een afgesloten terrein, maar de organisator heeft de ongetwijfeld commerciële afweging gemaakt dat dit niet werkte. Andere steden zullen het graag willen overnemen.
Nou vind ik op zich dat evenementen, of het nou culturele of sportmanifestaties zijn, zelf moeten opdraaien voor het organiseren van hun beveiliging. Toch zit hier een luchtje aan. Het is namelijk helemaal niet duidelijk of de gemeentelijke veiligheidseisen proportioneel zijn. De dance parade is immers een nogal suf evenement dat weinig overlast veroorzaakt (behalve naar verluidt bij de ziekenhuizen, die een piek in alcohol- en pillenvergiftigingen te verwerken krijgen).
Het heeft er toch een beetje de schijn van dat burgemeester Aboutaleb een persoonlijk trauma verwerkt in hard beleid, ongeveer zoals jeugdwethouder Leonard Geluk enkele jaren geleden zijn indrukken van de moord op het Maasmeisje vertaalde in een rigide jeugdbeleid. Geluks harde lijn, geworteld in een persoonlijke overtuiging, bracht hem in conflict met zijn collega’s in de randgemeenten en ultiem ook met zijn eigen fractie.
Het valt te hopen dat Aboutaleb snel zijn flexibiliteit herwint. Achter de schermen woedt momenteel een harde strijd tussen de burgemeester en de verschillende evenementenorganisaties. Er is zelfs sprake van een verplichting om één beveiliger in te schakelen per 100 à 400 bezoekers, ongeacht de aard van het evenement. Dat zou heel veel initiatieven de nek om kunnen draaien – en daar wordt Rotterdam misschien veiliger van maar niet aangenamer.

Rotterdam heeft een nieuw college, met bijbehorend coalitieprogramma. Het programma biedt veel continuïteit, niet zo gek aangezien drie van de vier partijen ook in het vorige college zaten en het inwisselen van GroenLinks voor D66 ook niet tot een ruk aan het stuur leidt.
Het Rotterdam Climate Initiative, waar GroenLinks hard aan getrokken heeft, blijft behouden, zij het op iets bescheidener niveau. Waar GroenLinks een lichte verhoging van de ozb voorstond, wordt die juist licht verlaagd, ongetwijfeld een geste naar de VVD. De coalitie is terughoudend met nieuw beleid, omdat dit geld kost, maar ook omdat je niet kunt bezuinigen op het ambtenarenapparaat, wanneer je tegelijkertijd verwacht dat er allerlei nieuwe initiatieven ontplooid worden.
Cultuur – ja, dat heeft mijn warme belangstelling – komt goed weg. De tien miljoen euro die GroenLinks er twee jaar geleden bij pingelde om te voorkomen dat de toen net aangetreden nieuwe wethouder Rik Grashoff meteen lastige keuzes moest maken, gaan er weer af. Maar verder bezuinigd wordt er niet. Natuurlijk zullen de lastige keuzes alsnog komen, maar per saldo krijgt cultuur vanaf 2012 evenveel geld als in de hoogconjunctuur van vier jaar geleden.

Verkenner Pieter Winsemius adviseert de Rotterdamse partijen om te gaan onderhandelen over een college PvdA+D66+VVD+CDA. Die eerste drie zijn geen verrassing. D66 en VVD houden elkaar stevig vast en allebei buiten spel zetten was numeriek onmogelijk.
Het CDA echter was de afgelopen tijd een zootje. Naar verluidt weigerde de oude fractie zelfs de nieuwe in te werken. Kennelijk is de nieuwe fractie erin geslaagd Winsemius en de andere partijen van haar stabiliteit te overtuigen. Dan ligt de keuze voor CDA voor de hand, want die partij stelt geen inhoudelijke eisen. Winsemius noemt een variant met GroenLinks (wel een notoire eiser van inhoudelijke punten) als derde optie.
Vraag is nu hoe het verder gaat lopen. Vier jaar geleden stond GroenLinks aanvankelijk ook aan de zijlijn wegens het stellen van te hoge eisen. Toen de SP op het laatste moment koudwatervrees kreeg (voor zover ik weet geen inhoudelijk geschil, maar interne partijpolitiek), schoof GroenLinks alsnog aan. Die kans lijkt nu kleiner, maar je weet het natuurlijk nooit.

De commissie is eruit: ja, er zijn veel onregelmatigheden geweest tijdens de verkiezingen in Rotterdam, en nee, die hebben geen gevolgen voor de uitslag. Vanavond voor twaalven moet de oude gemeenteraad erover stemmen. Zo niet, dan verdwijnt Rotterdam in een juridisch zwart gat.
Ik ben niet van plan te kijken naar de live uitzending van de vergadering – ik zie morgenochtend wel of de stad nog bestaat. Rotterdam staat er in ieder geval gekleurd op. Natuurlijk zijn incidenten vervelend, maar je maakt mij niet wijs dat het elders ook niet op enige schaal voorkomt dat analfabete allochtonen hulp zoeken in het stemhokje. Ik hoop dat de dames en heren politici zich nog even achter het hoofd krabben of het nou nodig was hiervoor de stad landelijk te kijk te zetten.

Rotterdam gaat alle stemmen hertellen. Dat is nodig om enig vertrouwen in de uitslag van de verkiezingen te herstellen, na alle gekrakeel van de afgelopen week waar zelfs twee oud burgemeesters zich tegenaan bemoeiden.
Het is natuurlijk niet gezegd dat de hertelling leidt tot een uitslag die meer met de waarheid overeen komt dan de eerste. Beide keren is het mensenwerk, waarbij fouten gemaakt zullen worden. Eigenlijk zou je de stemmen een keer of zeven moeten hertellen en dan de mediaan of het gemiddelde nemen.

In oktober deed ik een voorspelling hoe de uitslag van de verkiezingen in Rotterdam zou uitvallen. Omdat ik geen wijzigingen meer verwachtte, heb ik het aanbod om te gaan fispren laten lopen. Maar ik heb mijn eigen voorspelling wel nog even naast de werkelijkheid van woensdag gelegd:
Natuurlijk zat ik er her en der wat naast, maar ik ben niet ontevreden. Het rechtse blok (LR+VVD) is precies zo groot als ik had ingeschat. De PvdA is minder hard gedaald dan ik dacht, maar daar staat een iets mindere opmars van D66 en GroenLinks tegenover. Bij die vier zetels van GL zat wat wishful thinking, erkende ik toen al, maar dik drie zetels komt een eind in de buurt.
Het meest verbaasd ben ik over het zetelverlies van de solide SP, terwijl het in Rotterdam wankele CDA zich wel op drie zetels weet te handhaven. Dat de CU-SGP op één zetel blijft staan is geen loon naar werken voor het afgezwaaide raadslid Remco Oosterhof.

Leefbaar Rotterdam ging tijdens de verkiezingen gisteren op jacht naar misstanden in stemlokalen. Die vonden ze. Op een plek was het zelfs zo erg dat de complete bezetting vervangen moest worden. Goed werk van de Leefbaren.
Of wacht, er zit toch een luchtje aan. LR was namelijk specifiek op jacht gegaan naar stemlokalen waar veel allochtonen komen. De vervolgactie is dat de partij probeert de stemmen in twee lokalen ongeldig verklaard te krijgen. Ongetwijfeld is de PvdA daar meer de dupe van dan LR zelf (maar bij LR zien ze dat anders: het gaat erom ongeldige stemmen op de PvdA eruit te filteren).
Dat kan een leuke trend worden: partijen die gaan proberen stemmen op hun rivalen ongeldig verklaard te krijgen. Over vier jaar voorspel ik een regen van proces verbalen over en weer, als de vrede dan nog niet getekend is.

GroenLinks haalde 7,3 procent van de stemmen in Rotterdam, goed voor drie zetels. Dat is bijna zoveel als in 1998, toen 7,7 procent goed was voor vier zetels. Wie even naar de historie kijkt, ziet dat de partij ongeveer op de maximale lijn zit die ze sinds de jaren zeventig kent:
De potentie van GroenLinks en haar voorgangers varieert van twee tot vier zetels. Als je er dik drie haalt, heb je het behoorlijk goed gedaan. In de tabel valt overigens ook goed de versnippering van de Rotterdamse politiek waar te nemen, maar dat is een ander verhaal.