
Jaren geleden zat ik eens met een vriend op de Beestenmarkt in Delft van de zon en een stuk appeltaart te genieten. Ik was net afgestudeerd, hij alweer twee jaar aan het werk. Op dat moment was hij gedetacheerd bij een groot infrastructureel project waarvan ik net zo goed meteen kan verklappen dat het de Maeslantkering was. Mijn vriend had daar onder meer een reeds goedgekeurde berekening nog eens overgedaan en was er zo achter gekomen dat een bepaald deel van de staalconstructie toch echt twee keer zo stevig uitgevoerd moest worden om aan de normen te kunnen voldoen. Foutje.

Een zekere Jon Jacobs betaalde eind vorig jaar honderdduizend dollar voor een niet bestaand vakantieparadijs, genaamd Space Resort. Het Space Resort bevat 1000 appartementen, een winkelcentrum, nachtclubs, stadion, jachtgronden en zo nog het een en ander, waaronder uiteraard een aanlegplaats voor ruimteschepen. Jon Jacobs deed deze aankoop bij zijn volle verstand. Hij denkt dat hij de investering er wel uit gaat halen.
Welkom in Entropia, de virtuele wereld van het Zweedse bedrijf MindArk, waar het lokale geld, de ped, een vaste wisselkoers heeft ten opzichte van de dollar. Iedereen kan gratis een avatar aanmaken in dit online spel, maar dan ben je een ped-loze paria. Wil je genieten van de leuke dingen in Entropia, zoals een bezoekje aan het Space Resort, dan heb je geld nodig. Je kunt dat proberen los te peuteren van andere spelers, of van je credit card laten halen. Slimmeriken als Jon Jacobs proberen de eerste optie, de meeste spelers spenderen één à twee dollar per uur aan het spel. Niet duur, vergeleken met bijvoorbeeld een bioscoopkaartje.

Sms is een belachelijke uitvinding. Daar verandert het commerciële succes helemaal niks aan. De hoela-hoep was tenslotte ook een commercieel succes. Laten we wel wezen: met sms gebruik je een telefoon om op heel omslachtige wijze een bericht door te geven dat je in twee seconden zou kunnen doorbellen. Per verzonden bit is het nog duurder ook.
Zoals dat gaat met belachelijke uitvindingen, bedenkt iemand vervolgens een wedstrijd ermee, waarin ook nog eens records te vestigen zijn, die vervolgens voor de eeuwigheid geboekstaafd worden in een boek van een bierbrouwer. Niemand komt op het idee wedstrijden te houden in het zo snel mogelijk doorbellen van een boodschap of intikken van een mailtje. Maar snel sms’en is een kunst waar Guinness zelfs een standaard testzin voor heeft bedacht: ‘The razor-toothed piranhas of the genera Serrasalmus and Pygocentrus are the most ferocious freshwater fish in the world. In reality they seldom attack a human.’ Het record is met krap 44 seconden in handen van Kimberly Yeo uit Singapore. Applaus.

ICT’ers doen het doorgaans niet zo goed als romanfiguren. Om eerlijk te zijn ken ik er maar één. Die heet Eug en is de hoofdpersoon in ‘De hondenkoning’ van Walter van den Berg. Eug beheert een productiestraat voor cd-roms bij een uitgeverij in Alphen aan den Rijn. Die productiestraat heeft hij zelf geprogrammeerd. In zijn vrije tijd heeft hij vage fantasieën over zijn veertienjarige buurmeisje, dat van zijn obsessie handig gebruik maakt. Elke dag zit Eug tot tien uur ‘s avonds te wachten of ze misschien langskomt om met de computer te spelen. Eug is, zeg maar, niet helemaal een doodgewone jongen.

Mijn korte carrière als menselijk schild begon op een ochtend in een Nepalees stadje genaamd Butwal, toen ik uit pure irritatie besloot naar het politiebureau te gaan om aangifte te doen van diefstal van iets onbenulligs. Ik werd allervriendelijkst ontvangen, al verliep de communicatie wat stroef. Nadat ik uitgelegd had wat er was gebeurd, verzekerde men mij dat actie ondernomen zou worden, maar dat ik wel wat geduld zou moeten hebben.
Ik mocht wachten op een stoel onder een boom voor het politiebureau. Daar was het koeler dan binnen. Een vriendelijke agente met helm en kogelwerend vest kwam mij een kopje thee met heel veel suiker en melk brengen. Ik keek eens om mij heen. Het bureau had veel weg van een bunker. De muren waren van dik beton en verstevigd met zandzakken. De ramen waren klein. Er stond voortdurend iemand op wacht met een wapen dat ik een Nederlandse politieagent nog nooit had zien dragen.

Het zal menigeen ontgaan zijn, maar vlak voor de zomer had technisch universitair Nederland zowaar een relletje te pakken. De Fontys Hogeschool had namelijk een advertentie gezet waarin ze 31 werknemers wierf met de belofte dat die ook zouden mogen promoveren. Daarvoor zou de hogeschool ze dan bij universiteiten stallen, want promoties begeleiden mag ze zelf niet.
Consternatie alom. De voorzitter van Fontys sprak van een megaorder, universiteiten protesteerden dat ze geen promovendifabriek waren. De Delftse rector liet weten dat de promotie als secundaire arbeidsvoorwaarde slechts is voorbehouden aan universitaire medewerkers. Bovendien zouden de hbo-promovendi twee dagen per week les geven en slechts een schamele drie dagen aan hun dissertatie werken. Schandalig natuurlijk, want zoals bekend mogen aio’s vijf dagen per week promoveren, zonder andere klusjes aan de universiteit.

Zoals iedere televisiekijkende ingenieur die een beetje deugt, ben ik ontzettend verliefd op Scottie Chapman, de heetste technobabe sinds Kylie Minogue twintig jaar geleden een automontrice speelde in Neighbours. Scottie is chef bouwen van Mythbusters, een programma op Discovery Channel. Scottie last enorme stukken metaal aan elkaar, doet doorgeroeste motoren weer zoemen en repareert moeiteloos alles wat door de rest van de presentatoren kapot gemaakt wordt. Scottie is ook zes jaar ouder dan Kylie, maar dat mag de pret niet drukken.

De man zonder kalashnikov stond in de deuropening en keek mij indringend aan. In zijn ogen lag een mengsel van ingehouden woede en opperste verbazing. Hij had een plukkerige baard en droeg kleren waar het stof doorheen gegaan was, een tulband, tuniek en ruimvallende broek. Iets concreter: hij zag er in alle opzichten uit als een opgejaagde taliban, die in zijn wanhoop teruggekeerd was naar de bewoonde wereld en bij zijn eerste stap meteen met verderfelijke westerling gefronteerd werd.

Eerder dit jaar, toen de schijn van een ijzige winterwind door de straten van Rotterdam dwarrelde en Rijswijkse snelwegjihadi’s er kortstondig genoegen in schepten om moordende stoeptegels van viaducten los te laten, viel mijn surfende oog op een berichtje dat mijn krant niet halen zou.
In Bunnik, een dorp aan de rand van Heuvelrug, waren drie jongens van vijftien en zestien jaar oud gesnapt toen ze vanaf een voetgangersbrug over de A12 een fiets naar beneden gooiden. Merkwaardig genoeg was mijn eerste reactie: wiens fiets was dat? Daar gaf het bericht helaas geen antwoord op. Verder lezend begreep ik dat de jongens de fiets precies in de berm tussen de snelweg en de parallelweg gemikt hadden. Tsja, dacht de cynicus in mij op dat moment, je hebt dus zes banen snelweg én twee banen parallelweg en nóg slaag je er niet in je projectiel op de bedoelde plek te gooien. Wat een losers.

Ergens dit jaar moet de bende van Petten voor het gerecht verschijnen. Het gaat om onderzoeker ECN, consultant NRG en isotopenkweker Mallinckrodt. Reactorexploitant Euratom, de hoofdverdachte, geniet diplomatieke onschendbaarheid, dus gaat vrijuit. De boeven hebben milieuvoorschriften niet nageleefd. Rond de Hoge Flux Reactor (HFR) waren allerlei gevaarlijke goedjes ondeugdelijk opgeslagen en van sommige spullen waren wel erg grote voorraden aanwezig. De bende van Petten ontkent de feiten niet.
Niettemin werd algemeen directeur Rob Stol van NRG na het bekend worden van de overtredingen eind vorig jaar in Technisch Weekblad als volgt sprekend opgevoerd: ‘We zijn zeer ongelukkig met de uitspraken van het openbaar ministerie over wantoestanden rondom de HFR. Dat is absoluut onjuist. De veiligheid voor medewerkers en omgeving is nooit in het geding geweest.’