
En nog een blad: de Helling. Deze keer als vernieuwend vormgevingselement het ontbreken van de titel op het omslag. Met uiteraard weer een aantal belangwekkende artikelen over linkse politiek en ‘autonoom beeld’. Maar genieten is het vooral van de column ‘Hype’ van Gijs van Oenen, politicoloog en rechtsfilosoof aan de Erasmus Universiteit.
Van Oenen maakt korte metten met het conservatisme, dat in Nederland in opkomst zou zijn. Een hype, stelt hij, want er is in het conservatieve deel van het politieke spectrum onvoldoende denkkracht aanwezig om van een revival te spreken (anders dan in bijvoorbeeld de VS, waar het conservatisme wel iets voorstelt). Vervolgens krijgt iedereen een veeg uit de pan. Altijd leuk. Vooruit, een citaat:

Na een half jaar van vooral veel politieke inspanningen werd het tijd voor iets anders. Dus dan is het leuk als aan het eind van een weekje lappenmand Bunker Hill nr 33 op de mat valt, met weer eens een literair verhaal van mijn hand. Dat was lang geleden. Aan veel meer dan af en toe een essay voor mijn ‘eigen’ Passionate was ik de afgelopen jaren niet meer toegekomen.
‘Sitting Bull’ gaat over David, die laat aankomt in Cheyenne, Wyoming, en dan nog even een hamburger gaat eten. Hij belandt aan een tafeltje met Belle, die ook in vijf minuten kan overbrengen wat er mis is met haar leven. Beetje treurig wel, maar ik vind David en Belle er juist zo sympathiek van worden.

Eindelijk weer eens tijd gehad voor een fatsoenlijk boek. ‘Imaginary homelands’ is een bundel essays van Salman Rushdie uit de periode 1981-1991, dus grotendeels voordat hij wegens ‘The satanic verses’ een fatwa aan zijn broek kreeg van ayatollah Khomeini. De bundel bevat vooral veel recensies van andermans werk, zowel romans als films, maar ook een aantal nog altijd actuele beschouwingen over racisme en vrijheid van meningsuiting.
Quote: ‘If you are liberal, you say that black people have problems. If you aren’t, you say they are the problem. But the members of the new colony have only one real problem, and that problem is white people. British racism, of course, is not our problem. It’s yours. We simply suffer from the effects of your problem.’
‘Imaginary homelands’ eindigt met een aantal essays over religie. Rushdie legt uit hoe ‘The satanic verses’ staat in een kritische traditie binnen de islam, haalt uit naar de fanatici maar evengoed naar contra-fanatici die de hele moslimgemeenschap in het verdomhoekje proberen te duwen. Een goede herinnering dat de ontwikkelingen in de wereld na 11 september 2001 niet radicaal veranderd zijn, maar slechts geïntensiveerd.

Vroeger hadden racisten gewoon een hekel aan negers. Dat was duidelijk. In zekere zin kun je het een vooruitgang noemen dat dit soort heel primitieve gedachten in Nederland nauwelijks meer bestaan (anders dan in bijvoorbeeld Estland). Racisme in Nederland is er vermoedelijk niet minder op geworden, maar wel complexer, want vermengd met culturele componenten. Een hekel aan mocro’s, zeg maar.
Om de zaak weer eens een beetje scherp te krijgen, hadden we op de Rotterdamse fractie vertegenwoordigers van LBR en Radar uitgenodigd. Directe aanleiding was uiteraard de vraag hoe de komende tijd om te gaan met Leefbaar Rotterdam, dat nog altijd heftig tegenspartelt als je de partij in verband brengt met racisme. Niet helemaal onterecht. Veel van de laakbare uitspraken uit die hoek komen niet zozeer voort uit kwaadaardigheid als wel uit onwetendheid. Soms zijn het ook uitingen van vooroordelen die zelfs bij de meeste politiek correcte GroenLinkser in een onbewaakt ogenblik over de lippen kunnen komen.
Eén ding is echter zeker: het is makkelijker om met negatieve uitspraken dingen kapot te maken, dan met positieve uitspraken iets te herstellen. Dat is geen gedachte waar het zonnetje bij gaat schijnen.

Bel mij onder etenstijd met een vragenlijstje en je krijgt nul op het rekest, maar stuur mij een formulier toe en ik ben altijd bereid er bij het ontbijt even naar te kijken. Twee keer zelfs in de afgelopen week. Eerst kwam het RIVM met een vraag over mijn beleving van mijn leefomgeving, waarbij het voor een belangrijk deel geluidsoverlast door verkeer ging. Vandaag heb ik een enquête van DCMR ingevuld over risicobeleving. Daarbij bedoelen ze dan vrachtwagens met gevaarlijke stoffen die op mijn stoep omkantelen, een enorme fik of terroristen die van boem gaan.
Helaas was geen van beide vragenstellers echt geïnteresseerd in mijn beleving van de beroerdste omgevingsfactor, namelijk de luchtkwaliteit. Het meetstation van DCMR in Rotterdam noord meldt voor de afgelopen week veel fijnstof, met een piek naar ‘slecht’. Stikstofoxiden: niet best. Tolueen: ook regelmatig in het oranje. Alleen ozon blijft consequent in het veilige gebied. Het is vandaag een mooie dag, maar ik heb de Erasmusbrug vanuit mijn werkkamer wel eens helderder zien liggen.

Vanochtend op pagina twee van de Volkskrant: de Oekraïense premier Joestsjenko ontmoet zijn Haagse evenknie en het lijkt er op de foto toch behoorlijk sterk op dat hier gezoend wordt. Een pagina verderop staat een berichtje waarin Amadeus Wilders de koningin bestraffend toespreekt, omdat zij de Nederlandse groetgebruiken verkwanseld heeft door een imam geen hand te geven. En nu dus Balkenende die zich zomaar laat zoenen. Door een man. Jakkes! Heeft dan niemand meer respect voor het slappe handje?

Morgen spoeddebatteert de Tweede Kamer op initiatief van GroenLinks over topsalarissen in de publieke sector. Die rijzen als bekend de pan uit, zoals de Intermediair enquête vorige week nogmaals aantoonde. Je kunt je tenslotte afvragen of een maandsalaris van 30.000 euro ooit gerechtvaardigd is.
Wat ik wel jammer vind is dat mijn partij in deze discussie steeds voorstelt het salaris van de minister-president te hanteren als maximum voor alle topbestuurders in de publieke sector. Dat is namelijk nogal een overschatting van de politiek. Je hoeft echt niet het grootste licht der natie te zijn om daarin overeind te blijven. Kijk maar eens naar de huidige kabinetsploeg. Belangrijk werk, daar niet van, maar niet de zwaarst denkbare klus in het landsbestuur.
Laten we maar eens eerlijk zijn: secretaris-generaal zijn op een ministerie is een zwaardere baan dan minister. En zo zijn er nog heel wat meer banen in de publieke sector die heel veel meer voorstellen dan top dog in het Haagse babbelcircuit. Een discussie over topsalarissen is noodzakelijk, maar de politiek moet die niet aangrijpen om zichzelf gewichtiger te maken dan ze is.

Vlak voor de stripdagen in Haarlem is de nieuwe Zone 5300, het leukste striptijdschrift van Nederland (ook voor liefhebbers van eigenzinnige film, muziek en proza), van de drukker gekomen, vol met werk van Scandinavische tekenaars. Dat komt mooi uit, want het thema van de stripdagen ligt ook in het noorden.
En nee, dit initiatief is geen reactie op de beruchte cartoonoorlog. Al krabden we ons wel even achter het oor toen ons plan al in gang gezet was en de hele wereld ineens geïnteresseerd raakte in Deense tekenaars. Je bent op zo’n moment toch bang dat je blad als mosterd na de maaltijd komt. Dat is gelukkig niet het geval. Ter geruststelling: de Mohammed cartoons in Zone zijn uitermate tam.

Bij binnenkomst zijn de technici nog bezig. Ze sjouwen wat met lampen, rijden rond met een hoogwerker. Als laatste halen ze een beamer weg, en een scherm waarachter danseres Natalia Rodina schuil blijkt te gaan. In Exile Within, de nieuwe voorstelling van de Groningse choreograaf Itzik Galili, gaat de omgeving volkomen voorbij aan de hoofdpersoon. Althans, hoofdpersoon – het is moderne dans, dus het blijft abstract, de hoofdpersoon zweeft als het ware tussen de zes dansers door en daalt af en toe in een van hen neer.
Galili slaagt erin geluid, belichting, decor en dansers in een enkel ritme te vangen, nu eens met ingetogen solo’s, dan weer met energieke ensembles. Expressief gedanst en technisch bepaald niet gemakzuchtig. Op het laatst, als danser Edan Gorlicki nog wanhopig op zoek lijkt naar een uitweg uit zijn ballingschap, komen de technici weer op en beginnen het decor af te breken, de lampen van het plafond te demonteren, duct tape los te trekken. Een voice over vraagt iemand om het licht uit te doen. Waarna terecht een donderend applaus volgt.

Goed, het is dus de student met de bril geworden en niet Rita “ik doe niet mee, ik doe toch mee, ik ben recht door zee” Verdonk. Jammer, want het zou de komende verkiezingen lekker overzichtelijk gemaakt hebben, een ongeleid projectiel aan het hoofd van de VVD. Dit soort verstandige beslissingen van liberale VVD-leden zijn slecht voor mijn humeur.
Gelukkig heb ik me nog een uurtje kunnen vermaken met de 500 reacties op de website van de Telegraaf. Al die rancune, al die verongelijktheid, al dat ‘ik ga emigreren’ en ‘Nederland gaat naar de kloten’. En dan als toetje een mokkende Kay van der Linden vanochtend in de Volkskrant. Heerlijk!