Microcolumn: rellende jeugd

Op een bouwplaats in Delft sprak ik gisteren een ingenieur uit Ede. ‘Mijn auto is nog niet in de fik gestoken’, was een van de eerste dingen die hij tegen me zei. De rellende jongeren in zijn woonplaats deden hem verder ook niet veel. Voor de Marokkanen had je de Turken, daarvoor de Molukkers en daar weer voor lieden uit Barneveld en Scherpenzeel. Het was altijd wat.

Hij had wel te doen met zijn burgemeester, die voor de media stoer moest overkomen, voor het daadwerkelijk sussen van de situatie pragmatisch moest blijven en ergens daartussenin verstrikt was geraakt. Over één ding waren we het meteen eens: als je een theehuis wilt sluiten, doe dat dan midden in de winter, niet in de eerste zomerse week als verveelde jongeren de straat op trekken op zoek naar iets om te doen. (sg)