Yuko Tsushima: Of dogs and walls

Of dogs and walls van Yuko Tsushima is een bundeltje met twee verhalen door een van Japans grootste schrijfsters van de vorige eeuw. Het zijn allebei raamvertellingen in het bestek van enkele tientallen kleine pagina’s.

Het eerste verhaal, The watery realm, begint met een vader die een plastic kasteel koopt voor het aquarium van zijn zoontje. Hij herinnert zich scenes uit zijn eigen jeugd en zijn moeder, die daarvandaan de rol van verteller overneemt om het over haar eigen pijnlijke jeugd te hebben en de verdrinkingsdood van haar man. De duistere godin van het water hangt als een sluier over het verhaal, dat zich in korte, feitelijke scenes ontrolt.

In het titelverhaal loopt een vrouw langs een muur die haar doet denken aan de hond van haar moeder. Binnen een pagina verschuift het perspectief: de ik-verteller wordt een zij, de ene keer aangeduid als ‘de dochter’ (als het gaat over de relatie met haar moeder) of ‘de zuster’ (als het gaat over de relatie met haar geestelijk gehandicapte broer). Net als in het eerste verhaal gaat de tijd bitterzoet voorbij.

Yuko Tsushima bezit dezelfde gave als Raymond Carver om een karakter in een paar alinea’s neer zetten, niet door ze te beschrijven, maar door ze iets te laten doen. Dit één-pond-Penguin-boekje bevat twee juweeltjes die smaken naar meer.