Ngũgĩ wa Thiong’o: A grain of wheat

Ngũgĩ wa Thiong’o is een van de groten in de Afrikaanse postkoloniale literatuur, zo’n auteur met een enorme vrijheidsdrang die hem eerst in conflict brengt met de koloniale machthebbers en later met de regering van het zelfstandige Kenia, net als Pramoedya Ananta Toer in Indonesië. A grain of wheat is een van zijn eerste romans, nog geschreven in het Engels, dat hij later zou inruilen voor het Gikuyu.

Net als bij After Lives van Nobelprijswinnaar Abdulrazak Gurnah, die overigens het voorwoord bij mijn editie schreef, draait het in deze roman om een aantal Afrikaanse mannen die verschillende keuzes maken in het leven. Kihika kiest voor de verzetsstrijd die hem het leven zal kosten, Karanja voor het Britse regime, Gikonyo kiest van alles wat, Mugo kiest nergens voor en wordt toch een held. En dan is er Mumbi, de zuster van Kihika, die trouwt met Gikonyo, een relatie heeft met Karanja en later haar toevlucht zoekt bij Mugo.

Uhuru

De actie speelt zich allemaal af op Uhuru, onafhankelijkheidsdag. Gikonyo heeft bedacht dat Mugo op deze dag een speech moet houden, en dat Karanja ter dood gebracht moet worden voor het verraad van Kihika. Maar Mugo wil niet en Mumbi ligt ook dwars. De lezer krijgt het verleden vanuit verschillende perspectieven te zien. Het verrassende slot komt hard binnen.

Net als bij Gurnah zijn de Europeanen figuranten in het verhaal over zwart zelfbewustzijn, zonder dat het een schematische vertelling over goed tegen kwaad wordt. Ngũgĩ wa Thiong’o heeft juist oog voor de vele nuances in de positie van zijn hoofdpersonen jegens het kolonialisme, al zal het geen toeval zijn dat Karanja er het bekaaidst vanaf komt. Ik vond de roman iets minder aansprekend en vloeiend dan die van Gurnah, maar het is met recht een klassieker.