
Krap een jaar geleden las ik een bundel met Bengaalse korte verhalen. Nu was het de beurt aan Japan: The Penguin Book of Japanese Short Stories. De samenstellers van deze bundel konden selecteren uit een veel rijkere traditie en dat valt te merken. Slechte verhalen zitten er niet tussen.
Wel vond ik het bij vlagen nogal saai, iets wat me vaker overkomt bij Japanse literatuur. Het is óf vrij bizar en daarmee interessant óf zo alledaags dat de noodzaak me volstrekt ontgaat. Op zijn sterkst vond ik de verhalen die tussen beide heen en weer schommelen, zoals Pink van Tomoyuki Hoshino, waarin een jonge vrouw tijdens een hittegolf met haar nichtje naar het park gaat en het gevoel krijgt dat ze zweeft. Als ze beide voeten weer op de grond heeft, begint ze te vermoeden dat het zweven een recruteringsmethode is van extreemrechtse lieden. Net als je denkt dat het tweetal gewoon naar huis terug keert, loopt het verhaal alsnog volkomen uit de hand. Wie nieuwsgierig is kan het complete verhaal lezen bij Granta.





