Aanbevolen romans en novellen

Ja, ook ik doe aan gedichtendag

1083

Voor echt veel poëzie verwijs ik iedereen naar mijn vrienden van Krakatau, met dagelijks nieuwe gedichten, recensies en/of audio. Maar voor gedichtendag haal ik met plezier een ouwetje van Christina Vreeswijk van stal:

Gouda CS

Ze roken, ze drinken, ze vloeken
Met hun Hilfiger jack en hun blik
Van mij maken ze niets want ik heb
Een vriend met een prijzige scooter

Zo hangen ze rond bij de Wizzl
Met gezandstraalde koppen vol lef
Met tietjes die nog moeten groeien
Caramel in hun stem
En een zeven voor aardrijkskunde

Soms komt een trein voorbij en
Doet de wereld op haar vesten schudden

Het is de schuld van Nederland

1079

In de trein uit Amersfoort net de tijd gehad voor een leuk boekje, ‘De grammatica van een niemand’ door Abdelkader Benali, waarin een schrijver naar Marokko gaat en herinneringen ophaalt aan zijn jeugd. Het is een aardig tussendoortje van Benali, waarin hij het bekende thema van de identiteit nog eens aansnijdt. De nieuwe wending die hij eraan geeft is dat boeken een grote rol kunnen spelen voor iemand die zichzelf opnieuw willen uitvinden. Quote:

“Er was en is geen groter genot dan door een boek uitgewist te worden. Deze verslaving was zo groot dat ik zelfs in de klas op de lagere school liever las, liever uitgewist werd, dan de lessen volgde. Dit kostte me op mijn rapport de aantekening: eigenwijs. Eigenwijs is het meest Nederlandse woord dat bestaat. Wie in Nederland opgroeit, wordt eigenwijs gemaakt; het zit in de klei van deze grond, in de lucht die we hier ademen. Ik kan er niets aan doen. Het is de schuld van Nederland.”

Jana Beranová nieuwe stadsdichter

1078

Jana Beranová is de nieuwe stadsdichter (of moet je dichteres zeggen?) van Rotterdam. Ze is iemand waar niemand tegen kan zijn, vermoed ik zo, al was het maar omdat weinig mensen van haar gehoord zullen hebben. Toch kennen tallozen een gedicht van haar, omdat het in oplagen van vele tienduizenden verspreid is geweest door Amnesty International:

Als niemand
luistert
naar niemand
vallen er doden
in plaats van
woorden

De smaak van Lowry en Dostojevski

1074

Graham Greene is een moeilijk te plaatsen auteur. Zijn bekendste roman ‘Our man in Havana’ is een lichtvoetige klucht, terwijl ‘The power and the glory’, over de vervolging van priesters onder een kortstondig atheïstisch regime in Mexico, een literair meesterwerk genoemd mag worden. Hij werd net zo makkelijke als een belletrist weggezet als genoemd voor de Nobelprijs.

Dat dubbele gevoel bekroop mij ook bij ‘The honorary consul’, dat verfilmd werd met Michael Caine in de hoofdrol. Een alcoholistische Britse consul in een onbeduidend Argentijns stadje wordt per ongeluk aangezien voor de Amerikaanse ambassadeur en ontvoerd door Paraguayaanse rebellen, die hopen hem te kunnen ruilen voor kameraden die in hun thuisland in de cel zitten. De rol van ongewilde bemiddelaar valt toe aan een dokter, die een affaire heeft met de vrouw van de consul en wiens vader ook zit opgesloten in Paraguay.

Daar kun je een verschrikkelijk larmoyante roman van bakken, maar dat doet Greene dan weer niet. Het verhaal gaat eigenlijk over de verschillende loyaliteiten van de dokter en zijn onvermogen zelf sturing te geven aan zijn leven. Hij is vooral bezig bij anderen te pleiten om iets te doen of na te laten. Zo werkt hij zichzelf steeds verder in de nesten.

Zoals altijd bij Greene is de stijl soepel en meeslepend. Iets te vaak keert hij terug bij dezelfde thema’s, zoals machismo en katholicisme. Anderzijds hoort herhaling van zetten ook wel een beetje bij zijn hoofdpersonen. IJzersterke scènes die smaken naar Lowry en Dostojevski, worden even makkelijk gevolgd door clichématige uiteenzettingen. ‘The honorary consul’ leest heerlijk weg, maar laat zich verder lastig plaatsen.

Witte tijger

1022

Het heeft de Man Bookerprize 2008 gewonnen en ik houd sowieso wel van Brits-Indische schrijvers, dus ‘The white tiger’ van Aravind Adiga belandde ook op mijn leesplankje. De witte tijger heet Balram Halwai, die in brieven aan de Chinese premier Wen Jiabao zijn levensverhaal vertelt.

Als scharrelaar van nederige komaf slaagt hij erin om chauffeur te worden bij een rijke familie. Het lijkt het hoogste dat hij kan bereiken, maar meer en meer krijgt hij er genoeg van andermans voetveeg te zijn. Hij ziet zichzelf als een ondernemer. Als beginkapitaal laat hij zijn oog vallen op de grote tas met smeergeld van zijn baas. Daarna, enfin, dat mag iedereen zelf lezen.

‘The white tiger’ is een onderhoudend boek, vol zwarte humor, dat nu eens niet de nadruk legt op de exotische kant van India, maar de harde werkelijkheid van de onderklasse wil laten zien. Toch heeft het niet de overtuigingskracht van bijvoorbeeld ‘The inheritance of loss’, waarmee Kiran Desai twee jaar geleden dezelfde prijs won. Maar misschien komt dat wel omdat ik meer van het exuberant exotische houd.

Ga dat zien: Krijn Peter Hesselink

981

Krijn Peter Hesselink, in een vorig leven actief GroenLinkser, staat tegenwoordig op de bühne als dichter. Vanavond is hij te gast in Crime Jazz, het ‘urban’ literaire programma dat al jaren een vaste waarde is in Rotterdam, maar nu zo op z’n subsidie gekort wordt dat het waarschijnlijk voorbij is. Vanaf half negen in Rotown, komt allen.

Update na afloop: jullie hebben wat gemist, het enige literaire programma dat ik ken met een werkelijk veelkleurig en jong publiek. De herkansing is in december, maar dat is dan ook de laatste kans, want na tien jaar Crime Jazz gaat de stekker eruit.

Bewoners van het trailerpark

975

Als ik niet ooit nog eens met zijn dochter Danis Banks een week door Marokko gereisd had, zou ik nooit van haar vader Russell gehoord hebben, laat staan geweten dat hij in zijn thuisland als een gevierd auteur geldt. Er is wel wat van hem in het Nederlands vertaald, maar echt aangeslagen is hij niet. Daarvoor is zijn materie allicht te Amerikaans.

‘Trailerpark’ is een verzameling korte verhalen die zich afspelen in het woonwagenkamp uit de titel. Stuk voor stuk zijn het portretten van kleine krabbelaars, wie het geluk niet toelacht. Er is een dame die zoveel cavia’s fokt dat er voor haarzelf geen plek meer is in de trailer, een kleine drugs dealer, een paar gescheiden moeders die zich niet meer kunnen veroorloven, een veteraan, een verpleegster uit Boston die toevallig is blijven hangen in dit gat in New Hampshire, en zo nog een aantal weinig vreugdevolle personages.

De personages en hun treurige bedoeningen worden liefdevol in woorden gevangen door Banks, die af en toe stilistisch wat uit de bocht vliegt, maar niet in de valkuil der sentimenten trapt, iets wat sociaal realisten nogal eens overkomt. Mooi boek, maar inderdaad: heel erg Amerikaans.

Het culturele vagevuur van Rotterdam

961

Waarschuwing vooraf: dit stukje is niet geschikt voor mensen zonder gevoel voor humor of relativeringsvermogen, met name niet als ze toevallig cultuurambtenaar zijn bij de gemeente Rotterdam. De vileine toon wordt veroorzaakt doordat ik nogal gebelgd ben dat mijn Rotown Magic in het verdelingsvoorstel cultuurplan zonder argumentatie wordt weggezet als een stelletje stuntelaars die hun bedrijfsvoering niet op orde hebben. (*)

Enfin, laat ik het even uitleggen. Een instelling die in de hemel van het cultuurplan belandt, geniet vele voordelen. Vier jaar zekerheid over de hoogte van de subsidie, als je er geen zootje van maakt. De mogelijkheid intern met budgetten te schuiven. Een relatief eenvoudige verantwoordingsprocedure, zij het met accountantscontrole. En je krijgt al je geld in het jaar waarin je het uitgeeft.

Lees verder Het culturele vagevuur van Rotterdam

De oubollige Pnin

921

‘Lolita’ van Vladimir Nabokov is een van de zogeheten klassiekers die me zo weinig konden bekoren dat ik er cursorisch doorheen gegleden ben. Zonder de warme aanbeveling van James Wood en de gelijktijdige beschikbaarheid van een goedkope editie zou ik dan ook vermoedelijk nooit aan ‘Pnin’ begonnen zijn.

Pnin gaat over een wereldvreemde kale professor in wie wij onmiddellijk Pa Pinkelmans herkennen. Het is echter vooral het portret van een emigré die nooit zijn draai heeft kunnen vinden in zijn nieuwe vaderland, de Verenigde Staten. Pnin is een mild pedante intellectueel die er geestelijk niet in geslaagd is de kleinburgerlijkheid van het tsaristische Rusland achter zich te laten. Enigszins misplaatst houdt hij zich staande aan zijn provincie-universiteit.

De tragikomische verhalen zouden me zeker voor Nabokov hebben ingenomen, als hij me niet zo geërgerd had aan zijn oubollige schrijfstijl, een waterval van hoogdravende zinnen waarin geen zelfstandig naamwoord het zonder adjectief doet. De achterflap van mijn editie meldt dat Pnin de man is die Nabokov zonder zijn literaire talent zou zijn geworden. Ik vermoed dat ‘Pnin’ in al zijn doorzichtige pedanterie wel degelijk een vrij accuraat zelfportret is.

Aan het eind van het boek rijdt een beledigde en teleurgestelde Pnin met zijn hele hebben en houden het universiteitsstadje uit. Je hebt als lezer met hem te doen, maar weet ook: die zal ook deze deceptie weer doorstaan en zich plechtig door de rest van zijn leven modderen.

Darkmans holt zichzelf voorbij

912

‘Darkmans’ van Nicola Barker, dat ik gisteren op een veranda met majestueus uitzicht over de Mekong heb uitgelezen (sprak hij snobistisch), is deels geïnspireerd op ‘Herfsttij der Middeleeuwen’ van Johan Huizinga. Dan heb je bij mij al een streepje voor, wanneer je een aflopende zaak neemt als thema voor je roman. Het duistere is altijd interessanter dan het sympathieke.

Darkmans gaat over de conscientieuze Beede, zijn zoon Kane, die illegaal in pijnstillers handelt en worstelt met de dood van zijn moeder, over hun gezamenlijke obsessie Ellen, de vrouw van de instabiele Dory, een collega van Beede, over de Koerdische opportunist Gaffar, de vuilbekkende Kelly met het kleine hartje, de licht autistische zoon van Ellen en Dory, de kunstvervalser Peta en zo nog een hele lijst karakters van wie bij introductie niet meteen duidelijk is hoe belangrijk ze zijn.

Lees verder Darkmans holt zichzelf voorbij