Portfolio wetenschaps- en techniekjournalistiek

Honderdduizend startups per jaar (1)

Slechts een klein deel van de Zuid-Koreaanse afgestudeerden vindt jaarlijks een plek bij een groot bedrijf of de overheid, zoals nog steeds het hoogste ideaal luidt. Zowel uit het oogpunt van werkgelegenheid als innovatiecultuur worden jongeren gestimuleerd een eigen bedrijf te beginnen. Alleen al in Seoul zijn meer dan honderd incubators waar ze terecht kunnen. Aan de faciliteiten zal het niet liggen.

De Seoul Startup Hub is een gerenoveerd kantoorpand uit de jaren zeventig. Het gebouw werd in juni 2017 geopend. En het mocht wat kosten. De begane grond is een grote open ruimte met zitjes en whiteboards voor overleggen. Een expositieruimte toont 3D-producten uit de maker space. Een brede trap leidt naar een verdieping vol werkplekken, variërend van conventionele lange tafels tot loungestoelen en cabines voor het geconcentreerde werk. Ook is er een uitgebreide bibliotheek.

Lees verder Honderdduizend startups per jaar (1)

Honderdduizend startups per jaar (2)

De K-Startup Grand Challenge is een wedstrijd waarbij startups van over de hele wereld worden uitgenodigd zich, met subsidie, in Korea te vestigen om daar de markt te verkennen. Tegelijkertijd is het een manier om de uitwisseling van talent en ideeën te bevorderen. Van de vele inschrijvers wordt een beperkt aantal uitgenodigd om hun plan ter plekke te komen pitchen.

Een Nederlandse startup die de sprong waagde is Clear Flight Solutions, makers van robotvogels die met flappende vleugels vliegen – een technologie die het Nederlandse bedrijf als enige wereldwijd daadwerkelijk beheerst.

‘Van de veertig startups die drie maanden in Korea mochten komen om een pitch voor te bereiden heeft de helft de mogelijkheid gekregen om hier langer te blijven met het doel een business op te zetten. We hebben ontzettend veel geluk gehad dat we daarbij horen’, vertelt Maira Groot Kormelink van Clear Flight. Ze studeerde in Rotterdam trade management met het oog op Aziatische markten en zag zelf de mogelijkheden voor een innovatief bedrijf als Clear Flight in Korea, dat zich heeft voorgenomen tot de top te gaan behoren op het gebied van drones.

Lees verder Honderdduizend startups per jaar (2)

Honderdduizend startups per jaar (3)

Uitwisseling werkt twee kanten op. Sungmin Cho kreeg na een competitie tussen tien teams de gelegenheid om het in Silicon Valley te gaan proberen me zijn startup Glance. Die maakte software om automatisch samenvattingen te maken van nieuwsberichten. ‘Drie teams kregen de gelegenheid naar Amerika te gaan’, vertelt hij. ‘Van die drie kreeg er uiteindelijk één de kans om zich met een investering verder te ontwikkelen. Dat waren wij. We lanceerden onze app, maar kregen niet genoeg gebruikers. Toen zijn we een project gestart om content te bewerken voor sociale media. Daarmee kwamen we ook niet ver. Nu maken we een wekelijkse nieuwsbrief. Dat gaat wel goed, al zijn we nog op zoek naar een verdienmodel.’

Het gemak waarmee Cho over zijn mislukte ondernemingen praat, is uitzonderlijk voor Korea. ‘Een bedrijf beginnen is op zich eenvoudig, maar de psychologische barrière is groot. Dat verandert maar langzaam. Vanwege de snelle maar ook eenzijdige industrialisering die we hebben meegemaakt is de gedachte ontstaan dat je voor een groot bedrijf moet werken. Dat is begrijpelijk, want voor jezelf beginnen is zwaar. Maar het óók een manier om vooruit te komen.’

Lees verder Honderdduizend startups per jaar (3)

Laura Snyder: Eye of the beholder

Twee meesters van het licht, schilder Johannes Vermeer en wetenschapper Antoni van Leeuwenhoek, woonden vlakbij elkaar in Delft. Die simpele premisse levert een fraai dubbelportret op in Eye of the beholder van Laura Snyder.

De enige harde aanwijzing dat de schilder en de wetenschapper elkaar kenden ligt erin dat Leeuwenhoek door de stad Delft in 1676 benoemd werd tot executeur van Vermeers nalatenschap. Op zich hoorde dit bij Leeuwenhoeks werk als ambtenaar, maar in andere gevallen was er steeds een connectie tussen hem en de overledene. Hier dus allicht ook.

Wetenschapsjournalist Laura Snyder is niet het soort auteur dat haar fantasie de vrije loop laat. In haar boek Eye of the beholder volgt ze nauwgezet de voetstappen van haar twee hoofdpersonen en brengt in kaart waar die elkaar gekruist zouden kunnen hebben (ze woonden hun leven lang op een steenworp afstand van elkaar aan de Markt). Maar het gaat haar vooral om het gezamenlijke thema van beide mannen: het licht. Meer precies: de lens.

Lees verder Laura Snyder: Eye of the beholder

James Secord: Visions of science

De industriële revolutie betekende niet alleen de doorbraak van technologie, maar ook die van wetenschap bij het grote publiek, laat James Secord zien in Visions of science.

Engeland, 1830. De samenleving gistte. Arbeiders verzetten zich tegen de opkomst van machines, die hen overbodig zouden maken. Inwoners van grote steden (veelal diezelfde arbeiders) maakten zich boos over het feit dat ze slecht vertegenwoordigd waren in het parlement. De daarop volgende decennia zou de samenleving flink op de schop gaan: verregaande industrialisering, maar ook hervorming van het kiesstelsel en beter onderwijs.

Tot dan toe was wetenschap vooral een zaak van deftige heren onderling. Een van hen, de astronoom John Herschel, nam in 1833 het initiatief om het volk te verheffen door het tot lezen aan te zetten. Dat was indertijd een revolutionaire gedachte.

Lees verder James Secord: Visions of science

Henry Hemming: Churchill’s Iceman

Bij zijn dood in 1948 werd Geoffrey Pyke geroemd als een genie in de klasse van Einstein. Dankzij het openen van de archieven van de MI5 is er nu een levensverhaal dat de lezer onwaarschijnlijk zou vinden als John le Carré het geschreven zou hebben.

Toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak, maakten alle Britten in Duitsland dat ze wegkwamen. Dat was dus een goed moment, bedacht would-be journalist Geoffrey Pyke, om naar Berlijn af te reizen, al sprak hij nauwelijks Duits. Via Denemarken smokkelde hij zichzelf op een vals paspoort binnen, maar hij had zijn eerste stukje nog niet geschreven of hij werd gepakt en opgesloten in een concentratiekamp. Hij ontsnapte, ploegde half Duitsland door naar Nederland en schreef een bestseller over zijn avontuur. Iedereen vond het prachtig, behalve de Britse geheime dienst. Die dacht dat de Duitsers hem hadden laten ontsnappen om als spion in Engeland te plaatsen.

De verdenkingen zouden hem zijn hele leven blijven volgen, al werd hij later (terecht) meer in de communistische hoek geplaatst. Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog bedacht Pyke dat hij een oorlog misschien kon voorkomen door het houden van een opiniepeiling in Nazi Duitsland, waaruit moest blijken dat de bevolking geen oorlog wilde. Een krankzinnig en levensgevaarlijk idee, maar Pyke slaagde erin genoeg vrijwilligers te vinden om enkele honderden interviews te houden. Het rapport kwam te laat om de oorlog nog te voorkomen, maar zijn aanpak legde wel het fundament voor een nieuwe sociologische onderzoeksmethode.

Lees verder Henry Hemming: Churchill’s Iceman

Extreme koeling voor Delftse reactor

De onderzoeksreactor van de TU Delft ondergaat een van de ingrijpendste upgrades in zijn bestaan. Vlakbij de kern wordt een koelingsinstallatie geïnstalleerd die neutronen gaat afremmen. Dat komt het materiaalonderzoek op het gebied van duurzame energie en gezondheid ten goede.

Bombarderen met neutronen is een van de manieren om materialen te bestuderen. In veel gevallen geven langzame (dus koude) neutronen meer inzicht dan snelle, omdat ze langer in het materiaal verblijven en zo meer gedetailleerde data opleveren. In geordende bundels vallen ze op monsters van bijvoorbeeld een zonnecel, batterij of nieuwe staalsoort. In Delft staan verschillende meetinstrumenten ter beschikking van onderzoekers om diverse effecten in kaart te brengen.

De reflectometer, bijvoorbeeld, laat de bundel onder een kleine hoek op het materiaal vallen en meet de gereflecteerde neutronen. De neutron depth profiler is speciaal bedoeld om de verdeling van lithium in batterijen in kaart te brengen na diverse cycli van opladen en ontladen. Andere instrumenten meten de atoom- of molecuulstructuur door de verstrooiing van de neutronen in kaart te brengen.

Lees verder Extreme koeling voor Delftse reactor

De academicus als homo non ludens

In de NRC van afgelopen zaterdag stond een essay van René van Woudenberg, met als portee dat de wetenschappelijke bewijsgrond ruimte laat om ook op zoek te gaan naar een wetenschappelijk bewijs voor Gods bestaan. Een oud argument, dat de plank mis slaat. Een argument bovendien waar juist theologen zich verre van zouden moeten houden, al heeft ook de wetenschap boter op haar hoofd. Hier mijn weerwoord.

De gedachte dat wetenschap en religie gescheiden werelden zijn, de zogeheten non overlapping magisteria, is van relatief recente datum. Ze komt niet voort uit een waargenomen toenemende, hinderlijke bemoeienis van religie met de wetenschap, maar eerder uit het omgekeerde, een wetenschap die steeds minder raakvlakken met de religie ervaart. Misschien dat het juist daarom des te meer opvalt wanneer het kortstondig schuurt.

Er is echter meer aan de hand. Men hoort sommige kerkgangers nog wel eens klagen over de evolutietheorie, maar nooit dat de wetenschap in zijn algemeenheid een bedreiging zou zijn voor het geloof en daarom aan de deur geweerd dient te worden. Wetenschappers die menen dat religie in zijn geheel bij het grof vuil hoort en in ieder geval geen plek heeft binnen de academie, zijn eenvoudiger te vinden. De bedenkingen zijn, met andere woorden, eenzijdig. De vraag is waarom.

De sleutel zou wel eens kunnen liggen in een opmerking van historicus Johan Huizinga, in zijn boek Homo ludens, waar hij stelt dat alle aspecten van de menselijke cultuur een spelelement in zich dragen, met uitzondering van de moderne wetenschap sinds de achttiende eeuw. Ergens in haar weg door de moderne tijd heeft de wetenschap haar relativeringsvermogen verloren en is bevangen door een dodelijke ernst. Een onnodige ernst ook, want de regels van het academische spel bepaalden al sinds het prille begin dat er in de wetenschap geen ruimte was voor God.

Lees verder De academicus als homo non ludens

Nieuwbouw Erasmus MC vol hightech installaties

De zevende verdieping van het nieuwe gebouw van het Erasmus Medisch Centrum (EMC) in Rotterdam, dat deze maand in gebruik genomen wordt, is zo’n wirwar aan installaties dat zelfs projectleider casco ir. Marloes Janssen-Treu nog wel eens de weg kwijtraak wanneer ze de bezoekers rondleidt. De eisen aan een ziekenhuis zijn aanzienlijk hoger dan die aan het doorsnee kantoorgebouw, en dat vertaalt zich in een grote diversiteit aan installaties.

Neem de luchtbehandelingsinstallatie. ‘De verdieping hieronder kent 26 operatiekamers’, vertelt Janssen-Treu. ‘De lucht daar moet ‘extra schoon’ zijn. Om besmettingen van buiten te voorkomen moet bovendien op het hele OK-gebied continu overdruk staan.’

Naast de luchtbehandeling zijn er ook de nodige andere installaties die specifiek zijn voor een ziekenhuis. Zo hebben veel behandel- en patiëntenkamers aansluitingen voor medische gassen, zoals perslucht en zuurstof. De leidingen daarvoor moeten steriel zijn en gevalideerd door de apotheker, dus aanleg en iedere reparatie gaan gepaard met een uitgebreid testprogramma. Door het hele gebouw loopt ook een groot buizenpostsysteem om medicijnen te distribueren, maar waarmee ook tijdens een operatie bloed of tumorweefsel naar het laboratorium gestuurd kan worden voor nadere analyse.

Lees verder Nieuwbouw Erasmus MC vol hightech installaties