U gebruikt een verouderde browser. Om die reden werkt deze site wellicht niet naar behoren.Direct naar hoofdinhoud

Blogs in de categorie Recensie

Twee meesters van het licht, schilder Johannes Vermeer en wetenschapper Antoni van Leeuwenhoek, woonden vlakbij elkaar in Delft. Die simpele premisse levert een fraai dubbelportret op in Eye of the beholder van Laura Snyder.

De enige harde aanwijzing dat de schilder en de wetenschapper elkaar kenden ligt erin dat Leeuwenhoek door de stad Delft in 1676 benoemd werd tot executeur van Vermeers nalatenschap. Op zich hoorde dit bij Leeuwenhoeks werk als ambtenaar, maar in andere gevallen was er steeds een connectie tussen hem en de overledene. Hier dus allicht ook.

Wetenschapsjournalist Laura Snyder is niet het soort auteur dat haar fantasie de vrije loop laat. In haar boek Eye of the beholder volgt ze nauwgezet de voetstappen van haar twee hoofdpersonen en brengt in kaart waar die elkaar gekruist zouden kunnen hebben (ze woonden hun leven lang op een steenworp afstand van elkaar aan de Markt). Maar het gaat haar vooral om het gezamenlijke thema van beide mannen: het licht. Meer precies: de lens.

Lees meerLaura Snyder: Eye of the beholder

De industriële revolutie betekende niet alleen de doorbraak van technologie, maar ook die van wetenschap bij het grote publiek, laat James Secord zien in Visions of science.

Engeland, 1830. De samenleving gistte. Arbeiders verzetten zich tegen de opkomst van machines, die hen overbodig zouden maken. Inwoners van grote steden (veelal diezelfde arbeiders) maakten zich boos over het feit dat ze slecht vertegenwoordigd waren in het parlement. De daarop volgende decennia zou de samenleving flink op de schop gaan: verregaande industrialisering, maar ook hervorming van het kiesstelsel en beter onderwijs.

Tot dan toe was wetenschap vooral een zaak van deftige heren onderling. Een van hen, de astronoom John Herschel, nam in 1833 het initiatief om het volk te verheffen door het tot lezen aan te zetten. Dat was indertijd een revolutionaire gedachte.

Lees meerJames Secord: Visions of science

Bij zijn dood in 1948 werd Geoffrey Pyke geroemd als een genie in de klasse van Einstein. Dankzij het openen van de archieven van de MI5 is er nu een levensverhaal dat de lezer onwaarschijnlijk zou vinden als John le Carré het geschreven zou hebben.

Toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak, maakten alle Britten in Duitsland dat ze wegkwamen. Dat was dus een goed moment, bedacht would-be journalist Geoffrey Pyke, om naar Berlijn af te reizen, al sprak hij nauwelijks Duits. Via Denemarken smokkelde hij zichzelf op een vals paspoort binnen, maar hij had zijn eerste stukje nog niet geschreven of hij werd gepakt en opgesloten in een concentratiekamp. Hij ontsnapte, ploegde half Duitsland door naar Nederland en schreef een bestseller over zijn avontuur. Iedereen vond het prachtig, behalve de Britse geheime dienst. Die dacht dat de Duitsers hem hadden laten ontsnappen om als spion in Engeland te plaatsen.

De verdenkingen zouden hem zijn hele leven blijven volgen, al werd hij later (terecht) meer in de communistische hoek geplaatst. Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog bedacht Pyke dat hij een oorlog misschien kon voorkomen door het houden van een opiniepeiling in Nazi Duitsland, waaruit moest blijken dat de bevolking geen oorlog wilde. Een krankzinnig en levensgevaarlijk idee, maar Pyke slaagde erin genoeg vrijwilligers te vinden om enkele honderden interviews te houden. Het rapport kwam te laat om de oorlog nog te voorkomen, maar zijn aanpak legde wel het fundament voor een nieuwe sociologische onderzoeksmethode.

Lees meerHenry Hemming: Churchill’s Iceman

Een complottheorie kun je met een paar biertjes op eruit flappen, maar je kunt er ook werk van maken, zoals Coen Vermeeren in 9/11 is gewoon een complot. Verplichte lectuur voor iedereen die wil weten hoe je zo’n redenering fatsoenlijk opzet.

Bouwers van complottheorieën hebben een grote voorsprong op hun (wetenschappelijke) concurrenten. Waar die laatsten geacht worden een sluitende redenering op basis van feiten op te zetten, hoeven de eersten slechts een los eindje te vinden om te beweren dat de complete conclusie niet deugt. Zelf hoeven ze niet zoveel te doen, want ja, daar hebben ze de middelen niet toe en bovendien zijn ze slachtoffer van machtige samenzweerders.

Het valt dus te prijzen dat Coen Vermeeren, directeur van het Delftse Studium Generale, niet over één nacht ijs gaat bij het ontvouwen van zijn samenzweringstheorie dat 9/11 niet door Al Qaeda gepleegd werd maar door (of in elk geval met medewerking van) elementen in de Amerikaanse overheid. In meer dan 300 pagina’s gaat hij systematisch alle rapporten en onderzoeken af om ze verdacht te maken.

Lees meerCoen Vermeerens superieure 9/11 complottheorie

2008In ‘Faith and wisdom in science’ probeert Tom McLeish de discussie over geloof en wetenschap naar een hoger niveau te tillen door terug te grijpen op de tijd van Newton.

Hedendaagse discussies over de relatie tussen religie en wetenschap worden gedomineerd door types die niet alleen vinden dat de een superieur is over de ander, maar ook vaak dat beide elkaars tegenstander zijn. Meer gematigde lieden vinden dat ze elkaars terrein simpelweg niet moeten betreden. Nog gematigder lieden proberen compromissen te bereiken.

Alle drie de benaderingen vinden geen genade in de ogen van Tom McLeish, hoogleraar natuurkunde aan Durham University en praktiserend christen. In zijn boek ‘Faith and wisdom in science’ betoogt hij dat wetenschap net als religie voortkomt uit de menselijke behoefte zijn oorsprong te kennen en zijn omgeving te duiden. Aan religieuze scherpslijpers, die bijvoorbeeld de evolutietheorie verwerpen, maakt McLeish geen woorden vuil. Hij richt zich op de wetenschap, die volgens hem haar ‘verhaal’ is kwijtgeraakt.

Lees meerEen theologie van de wetenschap

2005In ‘The Knowledge’ legt Lewis Dartnell uit welke kennis de mensheid nodig heeft om na een catastrofe de beschaving sneller op te bouwen dan de eerste keer.

Aan boeken en films over een postapocalyptische wereld is geen gebrek. Zonder uitzondering gaan die over de periode niet lang na de catastrofe, waarin de mensheid overleeft op de restjes van de voorbije beschaving. Lewis Dartnell, onderzoeker aan de University of Leicester en auteur van talloze populair-wetenschappelijke artikelen en boeken, vraagt zich iets anders af: hoe moet het daarna? Als de laatste ondergrondse benzinetank en afgelegen supermarkt geplunderd zijn, hoe moet de mensheid dan verder?

‘The Knowledge’ is een gedachte-experiment van 300 pagina’s, waarin Dartnell systematisch nagaat welke kennis de mensheid nodig heeft om de beschaving opnieuw op te bouwen. Zomaar een herhaling van de eerste beschavingsronde kan dat niet zijn. Dat duurt lang en sommige dingen zijn simpelweg onmogelijk. De industriële revolutie, bijvoorbeeld, werd gedreven door de beschikbaarheid van goed toegankelijke fossiele brandstoffen. Die zijn er bij de tweede poging niet meer. De tweede beschaving moet daarom op duurzame energie tot stand komen.

Lees meerHandboek voor herbouw van de beschaving

1964Bij hackers denk je in de eerste plaats aan whizzkids die handig zijn in het manipuleren van computercode zonder dat iemand anders het merkt, soms met goede, soms met kwade bedoelingen. Als Allessandro Delfanti, hoogleraar te Milaan, het heeft over biohackers bedoelt hij echter niet zozeer de onderzoekers die knippen en plakken met DNA, maar mensen die proberen het vakgebied overhoop te halen met hun roep om openheid.

Natuurlijk zijn er altijd wetenschappers geweest die informatie achterhielden voor hun collega’s, maar de laatste decennia is geheimzinnigheid bijna een norm geworden in het academische bedrijf, redeneert Delfanti. Onderzoekers publiceren bijvoorbeeld genoeg om credits te halen, maar willen wel voorkomen dat anderen vervolgonderzoek kunnen uitvoeren waar ze zelf nog mee willen scoren. Het vastleggen van patenten wordt zelfs aangemoedigd. Wetenschap gaat niet langer meer over het verwerven en delen van zoveel mogelijk kennis.

Gelukkig is er een tegenbeweging. Open source, ontstaan in de computerwereld, strekt zich meer en meer uit tot andere terreinen, zoals de levenswetenschappen. In zijn boek ‘Biohackers, the politics of open science’ laat Delfanti het belang van die tegenbeweging zien, zonder radicaal te worden: establishment en uitdagers hebben elkaar nodig om scherp te blijven.

Lees meerHackers in biotechnologie

Wie een boek over wetenschap schrijft voor een breder publiek, heeft twee keuzes. Ofwel mikken op de leek en alles simpel uitleggen, voorzien van de nodige anekdotes, ofwel op een iets serieuzere toon een verdieping aanbrengen voor mensen die eerder over het onderwerp gelezen hebben (en de anekdotes dus al kennen). Jonathan Dowling maakt die keuze niet in ‘Schrödinger’s killer app’, een boek over de race om de eerste kwantumcomputer te bouwen, met curieuze gevolgen.

Lees meerDe NSA en de eerste kwantumcomputer

Artsen, verkeersleiders en anderen die als professional andermans leven in handen hebben, worden steeds vaker persoonlijk aansprakelijk gesteld voor de gevolgen van fouten die ze onvermijdelijk wel eens maken bij de uitoefening van hun beroep. Ingenieurs raakt dat nu nog niet, omdat technische ontwerpfouten doorgaans slechts indirect fatale gevolgen hebben. Maar dat is een kwestie van tijd.

Toen de politie haar vond in de kofferbak van haar stiefvader, had het meisje een prop in haar mond, die met een verband om haar hoofd op zijn plek werd gehouden. Onderzoek wees uit dat haar moeder de prop drie dagen daarvoor had ingebracht. Ze had het kind vervolgens onder het bed geschoven en alleen gelaten. Daar in het donker was ze overleden, drie jaar oud en zwaar ondervoed. De stiefvader was op weg om het lijkje in de bossen te dumpen.

De moeder kreeg zes jaar cel en gedwongen behandeling. Daarmee was de Amerikaanse justitie nog niet tevreden. Er was een medeplichtige. De stiefvader, zou je misschien denken, maar die ging vrijuit. In plaats daarvan ging de officier van justitie achter een sociaal werker aan.

Lees meerDe criminalisering van het menselijk tekort

1851Dark Market was een website waar hackers creditcardnummers en andere lucratieve informatie met elkaar verhandelden – tot een FBI-infiltrant de zaak ontmantelde. Het boek van Misha Glenny erover leest als een thriller.

Zoals een goede James Bond film begint ‘Dark Market’ in Engeland, waar de systeembeheerder van een chemisch bedrijf vreemde activiteiten signaleert op het werkstation van een van de ingenieurs. Hij besluit met beheersoftware een kijkje te nemen op het werkstation en ziet een enorme brij aan cijfers voorbijtrekken, overduidelijk financiële informatie: rekeningnummers, passwords, credit cards. De beheerder gaat ermee naar zijn baas, die onmiddellijk de politie belt.

De lokale inspecteur neemt de uit Nigeria afkomstige ingenieur in hechtenis, doorzoekt diens appartement, maar kan de enorme hoeveelheid bewijsmateriaal verder moeilijk duiden. Dus belt hij met de landelijke cyberpolitie en vraagt of iemand toevallig bezig is met een zaak waar een zekere Freddy Brown bij betrokken is, want die heeft hij net gearresteerd. Aan de andere kant is het stil. Ze hebben freddybb te pakken, een van de grote vissen van Dark Market.

Lees meerPortret van de cybermaffia


×