De hele kleine zaal van de Rotterdamse Schouwburg staat weer vol maquettes voor de nieuwe voorstelling van Hotel Modern, Ons Wereldrijk. De drie poppenspelers gaan met beeld- en geluidseffecten erdoorheen. Het publiek volgt het geheel via een groot scherm waarop de verrichtingen via kleine camera’s in handen van de spelers in beeld komt.

Drie episodes uit het begin van de Nederlandse aanwezigheid in de Indonesische archipel passeren: de onderwerping van Ambon, de slachtig op de Banda eilanden en de ondergang van het Javaanse koninkrijk Mataram. Ze laten zien hoe Nederland handig gebruik maakte van lokale conflicten om partijen tegen elkaar uit te spelen en zelf als alleenheerser boven te komen drijven. De geur van kruitdampen hangt op een gegeven moment in de zaal.

Het is, net als de twee voorgaande voorstellingen Kamp en de Grote Oorlog, weer een prachtig geheel dat Hotel Modern tot leven wekt. De poppetjes die met draadjes en stokjes bewogen worden, passen mooi in de Javaanse wayangtraditie. Omdat het verhaal minder bekend is dan dat van Auschwitz en de loopgraven, komt er wel meer verhalende tekst aan te pas. Na afloop mag het publiek de maquettes van dichtbij bekijken, om zich te verwonderen hoe klein en kwetsbaar het toneel is van het verhaal dat een paar minuten eerder nog levensgroot op het scherm verscheen.

Op wat een grote protestdag had moeten worden kwam gisteren slechts een handjevol boeren af. Alleen door medewerking van de NPO leek het nog wat, zegt mediadeskundige Alma Hoedjes.

‘Als je goed kijkt naar de beelden, zie je steeds dezelfde trekkers voorbij komen’, zegt Hoedjes. ‘Een paar groene en een paar rode, veel meer is het niet. Je ziet gewoon dat de beelden gemanipuleerd zijn. Het is bij vlagen lachwekkend. Zo waren er trekkers per ongeluk verkeerd op de snelweg gemonteerd, waardoor het leek alsof ze tegen het verkeer in reden. Alsof boeren zo dom zouden zjn.’

Dat de protesten in de media massaal overkwamen wijt Hoedjes aan misleiding door mainstream media: ‘De NPO grossiert gewoon in fake news. Dat zeggen de boeren zelf ook. Die trappen daar zelf niet in, hoor. Die weten dat het een fiasco was. Neem nou die acteur die zogenaamd een verklaring voorlas namens de boeren. Dat gelooft toch geen hond? De NPO zegt neutrale berichtgeving voor te staan. Dan geef je toch niet zomaar de regie aan een ander over omdat hij toevallig een trekker op je stoep heeft geparkeerd? Dat was duidelijk afgesproken werk.’

Lees meer &?8216;Boerenprotesten zijn marginaal verschijnsel&?8217;

Vanwege de grote genetische variatie is het lastig om het genoom van een virus in kaart te brengen. Onderzoekster Jasmijn Baaijens puzzelde voor haar promotie de stukjes wiskundig in elkaar.

Virussen hebben compact DNA. Eenmaal in een lichaam vermenigvuldigen ze zich razendsnel, waarbij veel varianten ontstaan. Het DNA van een enkel virus sequencen lukt niet, het is altijd materiaal van een heleboel exemplaren. Bovendien levert sequencen kleine stukjes op, zogeheten reads, die later aan elkaar geplakt moeten worden tot een genoom. Bij een mens weet je dat er precies twee kopieën zijn van ieder chromosoom. Bij een hoeveelheid virusmateriaal weet je niet hoeveel gelijke kopieën er zijn. Bovendien zijn er mutaties. Dat maakt het reconstrueren van het genoom ingewikkeld.

‘In de overlapgraaf die ik gemaakt heb, vormt iedere read een knoop’, vertelt Jasmijn Baaijens, die in september bij het Centrum voor Wiskunde en Informatica in Amsterdam promoveerde op genoomreconstructie van virussen. ‘De pijlen in de graaf geven aan dat de reads overlappen en dus waarschijnlijk van dezelfde kopie van het virus afkomstig zijn.’

Lees meer Grafentheorie brengt virus in kaart

Geïnspireerd doordat ik onlangs voor Boek & Meester de bundel met Japanse reisverhalen van Cees Nooteboom moest lezen, pakte ik een Japanse klassieker van de plank met nog te lezen boeken: Kokoro van Natsume Soseki. De titel is in het Nederlands vertaald als ‘De wegen van het hart’, maar het woord drukt iets uit in de driehoek van hart, ziel en diepste gevoelens. Kokoro gaat nergens heen, het ís.

Het verhaal wordt in drie delen verteld. Het eerste gaat over de relatie tussen een naamloze leerling en diens even naamloze meester. De meester vindt dat hij niets te doceren heeft, ook niet als de leerling aandringt. De onuitgesproken les is dat de leerling door zijn meester te doorgronden het leven moet leren begrijpen. In het tweede deel gaat de leerling terug naar zijn geboortedorp om zijn stervende vader nabij te zijn. Ondertussen sterft de meester, maar niet voordat hij een lange brief aan zijn leerling (derde deel) heeft gestuurd waarin hij uitlegt hoe zijn leven heeft kunnen mislukken.

Kokoro, uit 1914, geldt als de eerste moderne Japanse roman. Hij is traag, met de nodige herhaling, maar de 110 korte hoofdstukken houden niettemin de aandacht vast (het werd oorspronkelijk als feuilleton in een krant gepubliceerd). Het gaat over de relatie tussen meester en leerling, maar tegelijkertijd op een symbolisch niveau over de industrialisering van Japan gedurende het Meiji-tijdperk, dat wil zeggen de teloorgang van oude tradities in de overgang naar een nieuwe tijd. Het is zo’n boek dat na een eeuw nog niets aan zeggingskracht heeft verloren.

Vorige week maandag was de laatste aflevering van Boek & Meester van dit jaar. Cees Nooteboom sprak met Ernest van der Kwast over zijn twee jongste boeken, over Venetië en Japan, maar ook over hoe het reizen in de afgelopen decennia is veranderd. Zo’n 250 mensen waren erbij. Gelukkig heeft Arminius ook een balkon vanwaar het gesprek goed te volgen was. Wie er niet bij was: het gesprek valt nog integraal te bekijken.

Het was een waardige afsluiter van een jaar waarin we ook Guillermo Arriaga, David Vann, Willy Vlautin, Reni Eddo-Lodge, Leila Slimani en Tash Aw ontvingen. De laatste was als schrijver mijn favoriet, al is hij nog minder bekend in Nederland. Een aantal van hen deed alleen bij Boek & Meester een publiek interview tijdens hun bezoek aan Nederland. Zo zetten we internationale literatuur gestaag op de Rotterdamse kaart. Met name voor Eddo-Lodge, die in de weken voor haar komst breed de pers gehaald had, kwamen mensen uit het hele land naar de stad.

Het lijkt eenvoudig: je nodigt een schrijver uit, stelt een lijstje vragen op en je programma is klaar. Maar zo werkt het niet. Een succesvol interviewprogramma vergt tientallen uren voorbereiding.

Lees meer Achter de schermen bij Boek &?038; Meester

“Mijn linkeroor is eens uitgescheurd toen mijn opa mij drie kussen gaf. Hij pakte me altijd bij mijn oren en die dag heel hard. Met een spiegeltje zag ik dat het bloedde, maar niemand geloofde dat het daarvan kwam. (…) Mijn opa had mijn oma in de oorlog van een Amsterdammer in een loopgraaf bij Stalingrad gekocht. Een jongen die net als mijn opa naar de Duitsers was overgelopen.”

Die zinnen op de eerste pagina van Niemand keek omhoog namen mij meteen in voor de roman van Evelien Vos. Het is precies het soort gekte dat de opmaat is naar een inventief verhaal dat niettemin beide voeten op de grond houdt. Fris geschreven in de korte zinnen waar Nederlandse lezers, redacteuren en auteurs zo dol op zijn. Gelukkig zondigt Vos regelmatig tegen die conventie.

Het verhaal gaat over Lucy, een twintiger die niet goed weet wat ze met haar leven moet en in het tweede deel van het boek min of meer zonder plan naar Madrid verhuist om daar een bestaan op te bouwen als vertaalster. In het derde deel volgt een dramatische tournure waar ik niks over zeggen ga. Het is allemaal wat droefjes zonder zwaarmoedig te worden – knap gedaan van Evelien Vos.

Toch loste de roman voor mij de belofte van de eerste pagina niet echt in. Daarna komt het verhaal namelijk snel in het gareel van de Nederlandse debuutroman: een hoofdpersoon die dicht bij de auteur staat, veel alledaagse mijmeringen, een vleugje seks, een onverwachte wending die naar het slot toewerkt. Allemaal keurig netjes en zeker niet slecht, maar nog niet de auteur met een eigen geluid die zich op de eerste pagina aankondigde.

Op 1 januari 2020 treedt de nieuwe Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) in werking. Die biedt familie en vrienden meer ingangen om mensen te laten opnemen van wie ze denken dat ze dreigen te ontsporen. Ondertussen is Arnold Karskens bezig met het aanleggen van een database van alle wappies van Nederland. Die twee feiten hebben niks met elkaar te maken, tenzij je een liefhebber bent van complottheorieën. En laat nou net…

Kortom: wie zit er werkelijk achter Ongehoord Nederland? Wie is de architect van het tekort aan publiek voor al die mensen die plofkijkers zoeken om hun mening tegenaan te parkeren? De Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie zal het niet zijn, want die kampt al met een ledentekort. Dus ik denk dat het een realityformat van RTL is. Want zeg nou zelf, dat ze daarmee stoppen, dat gelooft toch niemand? (sg)

Helemaal onderin een naamloze Koreaanse stad woont de familie Kim. Door een gelukkig toeval krijgt zoon Ki-woo een voet tussen de deur als bijlesleraar bij de familie Park, die helemaal bovenin woont, in een prachtige villa. Onmiddellijk begint hij te manipuleren om het bestaande personeel eruit te werken ten faveure van zijn andere gezinsleden. Dat is de premisse van Parasite, dat een Gouden Palm won in Cannes.

De film begint als een komedie, af en toe overgaand in slapstick. Tot zich een kanteling in het plot voltrekt en de onvermijdelijke neergang inzet. Het mondt uit in een gewelddadig einde dat ik niet erg bevredigend vond omdat het niet past in de karakters zoals die tot dan toe zijn neergezet. Met name de vader komt er bekaaid vanaf om het plot rond te krijgen.

Er is al het nodige geschreven over de klassenstrijd die de film laat zien. Het contrast tussen de kelder van de familie Kim en en de villa van de Parks is wrang. Wat bovenin de stad als een fijne regenbui voor de tuin wordt gezien, leidt onderin tot een dramatische overstroming. Wat mij opviel is dat de strijd vooral gaat tussen de arbeidersklasse onderling, om de gunst van de elite (die het niet eens kwaad bedoelt, maar zich simpelweg niet realiseert wat er aan de hand is).

Lees meer Parasite, een wrange prachtfilm

Adam is een jaar of twaalf (vermoed ik) als soldaten het huis binnenvallen en zijn pleegvader meenemen. Een moeder heeft hij niet. Het gebeurt op het fictieve eiland Nusa Perdo, maar de omstandigheden zijn zo reëel als maar wezen kan. Indonesië in de eerste drie weken van augustus 1964. Er zijn volop straatprotesten, massa-arrestaties van (vermeende) communisten, revolutionairen die aanslagen plegen en een president die de aandacht probeert af te leiden door Maleisië met oorlog te dreigen. Kortom, de Maleisische schrijver Tash Aw heeft een fraaie achtergrond voor Adams zoektocht in Map of the Invisible World.

Adams pleegvader Karl is een Nederlander die in het anticommunistische vangnet is beland. De jongen heeft één aanknopingspunt, een adres in Jakarta. Daar woont Margaret, een Amerikaanse jeugdliefde van Karl. Samen gaan ze op zoek in een ingenieus plot waar ik niet teveel over zal zeggen behalve dat die door het hart van de revolutionaire sfeer in het toenmalige Jakarta leidt (er is ook een mooie film over die periode).

Lees meer Tash Aw: Map of the Invisible World

De PVV wil tenminste twee miljoen witte Zuid-Afrikanen naar Nederland halen. Zo hoopt de partij omvolking te voorkomen.

‘Het is geen geheim dat wij ons het lot aantrekken van de nazaten van Boeren die zwaar te lijden hebben onder de zwarte terreur die momenteel in Zuid-Afrika heerst’, zegt initiatiefnemer Martin Bosma. ‘Eerder pleitten wij al voor een recht op terugkeer. Nu geven we dat pleidooi handen en voeten middels een wetsvoorstel.’

Volgens dit voorstel worden in een eerste ronde vier miljoen Boeren uitgenodigd. Bosma gaat ervan uit dat ongeveer de helft op het voorstel zal ingaan. Zij krijgen in de komende tien jaar een Nederlands paspoort. Transportkosten moeten zij zelf betalen.

Lees meer PVV presenteert plan voor massa-immigratie