Een condoom met ringtone

000b20
Maffe uitvindingen, altijd leuk. De verzameling die Tom Quinn heeft samengebracht in ‘Science’s strangest inventions’ mist alle samenhang en diepgang, maar dat mag de pret niet drukken.

Een niet bij name genoemde uitvinder die rond 1880 in het toenmalige Wilde Westen leefde en kennelijk last had van muizen, gaat de geschiedenis in als de bedenker van een langwerpige houten doos met aan het ene uiteinde een zware revolver, gericht op het andere uiteinde. Knabbelt een knaagdier aan het stukje kaas, dan gaat de revolver af en krijgt het beestje een hoeveelheid lood op zich af waar ook een koe nog een zware schotwond aan over zou houden. De magnum muizenval zou nooit een succes worden, mede omdat het nog knap lastig bleek om de revolver zo te richten dat de kogel doel trof.

Of neem John Mackenzie, ook een Amerikaan, die in 1905 patent aanvroeg op de langspeelplaat van chocolade. Chocolade, zo betoogde de uitvinder in zijn patentaanvraag, was een geweldig materiaal, omdat je er goed platen van kon maken, die ook nog eens eetbaar waren. Kortom, dubbele functionaliteit. Dat die twee functionaliteiten elkaar ook een beetje uitsloten vond hij zelf geen bezwaar, maar anderen duidelijk wel, want de vergetelheid is Mackenzies lot geworden.

Lees verder Een condoom met ringtone

Kemphanen in de techniek

000b19
Gedreven pioniers zijn niet altijd aangenaam om mee om te gaan, maar leuk om over te lezen. ‘Great feuds in technology’ gaat over moeilijke mensen, die vastberaden hun uitvindingen aan de man brachten en vooral grootse octrooiduels uitvochten met hun rivalen.

Veel van de onderwerpen die Hal Hellman in zijn boek behandelt, zijn overbekend. De oorlog tussen Thomas Edison en George Westinghouse, bijvoorbeeld, over de vraag of gelijkstroom dan wel wisselstroom de standaard voor elektriciteitsvoorziening moest worden. Die ging op een gegeven moment zo ver dat Edison bij wijze van waarschuwing tegen wisselstroom tientallen honden en katten liet elektrocuteren. Toen aanwezige journalisten tegenwierpen dat het toch maar kleine beesten waren, kwamen er ook een kalf en een paard aan te pas.

Lees verder Kemphanen in de techniek

Vergeten vrouwen van de Verlichting

Dat vrouwen ook willen studeren, is op zich best grappig, maar het mag niet ten koste gaan van hun natuurlijke bestemming, de kinderen en het huishouden. Vrouwen die drie eeuwen geleden toch wilden studeren, moesten dat veelal anoniem doen of de credits aan anderen laten.

‘Had God intended Women merely as a finer sort of cattle, he would not have made them reasonable’, schreef de Britse Batshua Makin, activiste voor onderwijs aan vrouwen, in 1673. Het zou nog twee eeuwen duren voor vrouwen welkom waren op universiteiten, maar ondertussen zaten de navolgers van Makin niet stil. Noodgedwongen op de achtergrond speelden vrouwen niettemin een aanzienlijke rol in de wetenschap van de achttiende en negentiende eeuw.

Lees verder Vergeten vrouwen van de Verlichting

Het verbeten genie van Marie Curie

000b17
Marie Curie is de enige vrouw die twee keer de Nobelprijs won, in 1903 voor de ontdekking van radio-activiteit en in 1911 voor de ontdekking van radium en polonium. ‘Obsessive genius’ is een meer dan soepele biografie van de ‘Jeanne d’Arc van de natuurkunde’.

Een jaar of tien geleden besloten de nazaten van Pierre en Marie Curie het archief van hun ouders te schenken aan de Bibliothèque Nationale in Parijs. Die was uiteraard zeer vereerd, totdat erbij gezegd werd dat de papieren 75 jaar na dato nog behoorlijk radio-actief waren. De bibliothecarissen besloten daarom alle geschriften in plastic hoezen te stoppen, kennelijk in de gedachte dat ze op die manier gammastralen konden tegenhouden. Uiteindelijk kwam er een twee jaar durende schoonmaakoperatie aan te pas en nog steeds moesten bezoekers een papier tekenen dat de gezondheidsrisico’s voor hun eigen rekening kwamen, als ze het Curie-archief wilden inzien.

Lees verder Het verbeten genie van Marie Curie

Hoe Big Brother onze vriend werd

000b16
Zodra mensen gaan reflecteren op de alomaanwezigheid van camera’s, bestaat de neiging om klaagzangen over de teloorgang van de privacy ten beste te geven. Dat kan best wezen, zegt John McGrath, maar eigenlijk gaat die veronderstelling uit van een verouderd mensbeeld.

Bij de bestrijding van criminaliteit en terreur is een steeds grotere rol weggelegd voor de technologie. Mailtjes worden gescand, telefoons afgetapt, camera’s geplaatst. Vooral dat laatste wil nog wel eens onderwerp zijn van debat. Het merkwaardige feit doet zich namelijk voor dat steeds meer mensen op die invasie van hun privacy reageren met exhibitionisme. Met andere woorden: ze ontlenen er genoegen aan.

Lees verder Hoe Big Brother onze vriend werd

De Royal Society: wetenschap als gezelschapsspel

000b15
Er is niks mis mee om de wetenschapsgeschiedenis te zien als een opvolging van genieën of een optocht van ideeën, maar de moderne wetenschap heeft minstens zoveel te danken aan instituties. John Gribbin schreef een boek over de ontstaansgeschiedenis van de invloedrijkste, de Royal Society.

Wanneer je, zoals John Gribbin, al twee decennia lang een paar boeken per jaar publiceert, de meeste met mooie verkoopcijfers, dan weet je natuurlijk hoe je een boektitel kiest. ‘The fellowship’ heeft, door de associatie met het eerste deel van ‘The lord of the rings’, al een hint van avontuur. De cover van het boek is ook nog eens opgemaakt als een filmposter met een pay-off (’they demanded to see the world for themselves…’) die rechtstreeks uit het repertoire van de marketeer komt.

Lees verder De Royal Society: wetenschap als gezelschapsspel

De lotgevallen van de Turk

000b14
De mechanische Turk, een automaat die schaak speelde, deed in zijn decennialange loopbaan rond 1800 velen versteld staan en inspireerde sommigen tot technologische doorbraken. De levensgeschiedenis van de automaat is door Tom Standage prachtig opgetekend.

Halverwege de achttiende eeuw trokken allerlei automaten, gebaseerd op de techniek van uurwerken en draaiorgels, veel bekijks onder beter gesitueerde Europeanen. Reizende wetenschappers stelden ze tentoon en lieten ook allerlei andere tekenen der vooruitgang zien, zoals chemische reacties en magnetische verschijnselen. Doel was het publiek te verbazen en veel van de ‘wetenschappelijke experimenten’ zouden nu als goocheltrucs gezien worden.

In 1769 deed de Fransman Pelletier met zo’n voorstelling het Weense hof aan. Keizerin Maria Theresia had haar geniale jonge ambtenaar Wolfgang von Kempelen daarbij uitgenodigd, omdat hij bekend stond om zijn mechanische inzicht en dus zou kunnen verklaren hoe Pelletier zijn kunstjes klaarde. Vermoedelijk uit ergernis over het arrogante gedrag van de Fransman verklaarde Von Kempelen dat hij dit allemaal ook kon, en beter.

Lees verder De lotgevallen van de Turk

Hoe bouw ik een kernbom

000b13
Je kon er natuurlijk op wachten en nu is-ie er dan ook: ‘How to build a nuclear bomb – and other weapons of mass destruction’ door ervaringsdeskundige Frank Barnaby. De vlag blijkt de lading echter niet zo goed te dekken.

Een nucleaire explosie is een enerverende gebeurtenis. Eerst is er een lichtflits, dan een korte stilte die gepaard gaat met een hittegolf. Daarna volgt de knal, waarna een wind eerst van de explosie afwaait en vervolgens erheen. Frank Barnaby was er als jonge onderzoeker bij, toen Britse wetenschappers in 1953 een test uitvoerden in de Australische woestijn en hij vertelt over zijn ervaring in ‘How to build a nuclear bomb’. De auteur heeft een leven lang ervaring met (militair) nucleair onderzoek en weet dus waar hij over praat.

Wie verwacht dat Barnaby echt een kookboek wijdt aan de fabricage van massavernietigingswapens (nucleair, biologisch of chemisch), zit ernaast. Daarvoor is hij een te fatsoenlijke wetenschapper, dus terroristen in spe zullen teleurgesteld zijn in ‘How to build a nuclear bomb’. Barnaby legt wel in grote lijnen uit hoe de wapens in elkaar zitten, maar het gaat hem om de organisatie eromheen.

Lees verder Hoe bouw ik een kernbom

Licht op verwarrende kansen

000b12
Dat je kunt liegen met statistieken, is een cliché. Dat je er ook domme fouten mee kunt maken, zal niemand verbazen. Wie ‘Reckoning with risk’ ter harte neemt, zal de sufste fouten voortaan vermijden en bijvoorbeeld geen onschuldige mensen meer naar het gevang sturen.

Op 18 juni 1964 was Juanita Brooks op weg naar haar huis in San Pedro, een wijk van Los Angeles, zo begint Gerd Gigerenzer een van de hoofdstukken van ‘Reckoning with risk’, waarvan onlangs een goedkope paperback verscheen. Juanita’s tas werd geroofd door een blonde vrouw met een paardenstaartje, die ervandoor ging samen met een zwarte man met een snor en een baard in een gele auto.

De politie reageerde alert en arresteerde Janet en Malcolm Collins. Om de zaak rond te krijgen, maakte de officier van justitie een schatting van het percentage blonde vrouwen in Los Angeles, het percentage met paardenstaartjes, het percentage snorren, het percentage gele auto’s, enzovoort. Al die kansen werden vermenigvuldigd en de kans dat de Collinsen toevallig al deze eigenschappen hadden, bleek één op twaalf miljoen. De kans dat ze onschuldig waren, was dus minuscuul. De jury was onder de indruk en het stel verdween achter de tralies.

Lees verder Licht op verwarrende kansen

Rekenen volgens Bartjens

000b11
Twee eeuwen lang was ‘De cijfferinghe’ van Willem Bartjens hét rekenlesboek van de Lage Landen. De originele versie werd onlangs opnieuw uitgegeven, maar is vooral interessant vanwege de moderne inleiding.

Hoewel hij in de loop der tijd tot een autoriteit van jewelste uitgroeide, was Willem Bartjens (1569-1638) bij zijn leven een eenvoudige schoolmeester, een beroep dat hij als twintigjarige oppikte. Over zijn leven is niet zoveel bekend. In 1618 verkaste hij met vrouw en zeven kinderen uit Amsterdam naar Zwolle, vermoedelijk op voorspraak van een vriend. Waarschijnlijk wilde het protestantse stadsbestuur van het grotendeels katholieke Zwolle een schoolmeester van het juiste geloof (protestants dus; de tachtigjarige oorlog was nog gaande).

In 1604 schreef Bartjens ‘De cijfferinghe’, een niet al te bijzonder rekenlesboek, dat zich in weinig onderscheidde van vergelijkbare boeken, al gaf Bartjens iets meer sommetjes op en ging hij iets flexibeler om met rekenregels.

Lees verder Rekenen volgens Bartjens