U gebruikt een verouderde browser. Om die reden werkt deze site wellicht niet naar behoren.Direct naar hoofdinhoud

Magda is overal

In november 2018 verschijnt mijn roman Magda is overal bij Douane, een Rotterdamse uitgeverij met een mooi Nederlands en Russisch fonds. De krachtige cover is ontworpen door van Stijl.

“Een internationale, Rotterdamse roman vol vertelkracht. Wie doet dit Jongeneel na?”

Abdelkader Benali, auteur

Het is niet iedereen gegeven een verband te leggen tussen 9/11 en Rotterdam. Dede Singh, toegewijd fantast en zelfverklaard bewonderaar van Osama Bin Laden, ziet het meteen. Vooral omdat zijn grootmoeder tegelijkertijd in een Rotterdams ziekenhuis opstaat uit de doden.

In het kielzog van zijn zus, supermodel Magic Magda Singh, reist Dede de wereld over, met alsmaar meer bloed aan zijn handen – een krankzinnige tocht die alleen in zelfdestructie kan eindigen. Maar dan krijgt dit verhaal over ontworteling, terreur en noodlottige liefde een onverwachte wending, die de lezer meer dan honderd jaar terugvoert in de tijd.

Met een vaart en vakmanschap die je van een gereputeerde auteur verwacht, werpt Christian Jongeneel de lezer in een rollercoaster van gebeurtenissen. Op een fenomenale manier vlecht hij actualiteit, religie, vaderlandse geschiedenis en de schimmige milieus in Rotterdam-Zuid ogenschijnlijk moeiteloos aaneen. Nederland is een gedreven romanschrijver rijker.

“Alsof Bret Easton Ellis en Gabriel Garcia Marquez samen een filmscenario schreven.”

Richard Dekker, vm hoofdredacteur literair magazine Passionate

Magda is overal, Uitgeverij Douane, ISBN 978-90-827231-9-9, 425 pagina’s, 21,50 euro.

Koop hem bij bol.com

De inhoudsopgave

Fragment: Van Londen naar Rotterdam, 11 september 2001

Dieuwertje belde Magda. Ik nam op. Magda droeg op dat moment een fuchsia bikini. Ze zat op haar knieën in een dunne laag water, terwijl een fotograaf voor zijn beurt obscene close-ups van haar borsten probeerde te schieten. Ik wenkte haar. Magda begreep meteen dat er iets aan de hand was. De onzichtbare band tussen broer en zuster, jawel, de telepathische lijn van gedachten die loopt tussen de twee helften van een tweeling. Ik hoefde alleen nog maar te zeggen wat het precies was.

“Oma ligt in het ziekenhuis,” zei ik simpelweg. “Ze is er niet best aan toe.”
“Wanneer kunnen we weg?”
“Nu meteen. Voor jou is altijd plek op het eerste vliegtuig naar huis.”

Magda kleedde zich haastig aan. Een taxi werd gebeld, maar op straat wenkte Magda een politiewagen, die haar met loeiende sirenes naar het vliegveld bracht. We drongen voor in de rij en claimden een plek in de eerste klasse van een vliegtuig dat op het punt van vertrekken stond. Champagne sloegen we af. Er vormde zich een illegale rij bij het toilet voorin de business class, waar de wachtenden goed zicht hadden op Magda, die een tijdschrift las met haarzelf op de cover. Ook vaste prik: een blozende stewardess, die wist dat ze op commando haar boekje te buiten ging.

“De captain nodigt u uit in de cockpit, als u dat leuk vindt,” zei ze.
Magda keek me even aan.
“Goed,” zei ze. “Mijn broer komt mee.”

Wij tweeën hadden al tientallen cockpits gezien. Het was me allemaal al zo vaak uitgelegd dat ik de stuurknuppel zelf zou kunnen hanteren. Magda bleef professioneel. “Oh, wat lijkt het me heerlijk om zo’n groot vliegtuig te besturen,” spinde ze.

Ik had een gruwelijke hekel aan dit soort raaskal, maar Magda vond dat een ultieme beroemdheid de plicht had zoveel mogelijk mensen te behagen. Het weer was kristalhelder. Door de cockpitruiten zag ik Amsterdam liggen. Later, voor de televisie in het ziekenhuis, moest ik aan dat beeld terugdenken. De piloten waren zo vol van Magda, dat ik hen eenvoudig had kunnen uitschakelen.

Geen paniek, de piloten zijn dood, maar geen paniek. Ik kan het ook, rustig aan mensen, we gaan gezellig naar New York. U weet niet wie ik ben, u hebt me nooit willen zien, u staarde alleen maar in het gelaat van mijn zuster (een sluier zou ze moeten dragen, om haar tegen uw schaamteloosheid te beschermen). Dit is uw loon. We gaan naar New York en we zullen dit Sodom en Gomorra in het hart, nee, wat zeg ik, in het kruis raken. Blijf kalm, hier spreekt de redder van het fatsoen.


×