Porfolio cultuur: strategie en businessplannen

Everything Everywhere All at Once

Evelyn Wang heeft een wasserette en het vermogen om overal een zootje van te maken. Ze ligt in scheiding met haar goeiïge man, die alles een beetje in goede banen probeert te leiden, zoals een conflict met de belastingdienst. Haar depressieve puber haat haar. En haar eigen vader had zich een andere toekomst voor zijn dochter voorgesteld (en zeker geen lesbische kleindochter).

Kortom, alle ingrediënten voor een pittig drama zijn aanwezig in Everything Everywhere All at Once. Ware het niet dat regisseurs/scenaristen Dan Kwan en Daniel Scheinert heel goed naar Mulholland Drive hebben gekeken. Deze film is wat je krijgt als je David Lynch zou vragen om een familiedrama te combineren met science fiction en kung fu.

Lees verder Everything Everywhere All at Once

Abdelkader Benali: Moeder en zoon

Abdelkader Benali gaat in Moeder en zoon met zijn moeder een paar dagen naar Sint Petersburg om daar de Hermitage te bezoeken. Het leidt tot ontroerende en komische passages, maar ook tot zelfreflectie over hoe Benali zelf was, als zoon die zodra het kon uit huis ging en zelden van zich liet horen omdat hij bang was voor de telefoon.

Toch gaat deze kleine novelle, gebaseerd op een lezing, haast nog meer over de verhouding tussen vader en zoon, niet in het directe reisverhaal, maar in de beschouwingen over de twee schilderijen in Sint Petersburg die het doel zijn van de tocht: Het offer van Abraham en De terugkeer van de verloren zoon. Mooi beschreven vond ik het moment waarop Benali’s moeder opmerkt dat de vader die zijn verloren zoon begroet, blind is, dat hij zijn zoon moet betasten om zeker te zijn.

Lees verder Abdelkader Benali: Moeder en zoon

Hermann Ungar: Knapen en Moordenaars

Mocht je nou geïnteresseerd zijn in diverse manieren om een kat dood te martelen, dan biedt Knapen en Moordenaars van de Moravische auteur Hermann Ungar (1893-1929) daartoe instructies. De martelpraktijk is niet de enige weerzinwekkende karaktertrek die de hoofdpersonen tonen in de twee verhalen die in deze bundel staan, waarmee Ungar in 1920 doorbrak.

Beide protagonisten zijn liefdeloos opgegroeid en vastberaden ook geen enkele liefde te gunnen aan de mensen die hen omgeven. De eerste gaat over een weesjongen die zich voorneemt om het dienstmeisje in het tehuis te vernederen en daarmee ook doorgaat wanneer hij in Amerika fortuin gemaakt heeft. Het tweede gaat over de zoon van een gewezen legerofficier die zich wil wreken die het in zijn beleving op zijn vader heeft voorzien.

Weerzinwekkende personages dus, maar is het goede literatuur? Thoman Mann noemde het meesterwerk. Wie ben ik om dat te bewisten, maar ik was toch minder onder de indruk. Ungar schrijft scherp en meedogenloos, dat zeker. Wat ik miste is het dieper graven naar de beweegredenen van zijn weerzinwekkende personages, zoals Camus dat bijvoorbeeld doet in De Vreemdeling.

Saul Bellow: The adventures of Augie March

Het was weer eens tijd voor een stevige klassieker, The adventures of Augie March van Saul Bellow, over een jongen die opgroeit in een armoedig Joods milieu in Chicago in de jaren twintig er dertig van de vorige eeuw. Over het verhaal ga ik verder niks vertellen, daarmee herhaal ik toch alleen maar wat al eindeloos vaak is opgeschreven.

Het is een prachtig, monumentaal boek, maar tegen het eind kreeg ik moeite om mijn aandacht erbij te houden – en ik had de indruk dat ook Bellow zelf in de loop der pagina’s de belangstelling voor zijn hoofdpersoon begon te verliezen. De eerste hoofdstukken zijn enorm rijk in detail, met lange, meanderende zinnen en scherpe dialogen. Dat gaat zo door tot in de Mexicaanse episodes halverwege het boek. Daarna gaat het tempo omhoog.

Karakters worden steeds minder uitgewerkt, de Tweede Wereldoorlog is in een vloek en een zucht voorbij. Augie kiest vrijwel terloops voor een huwelijk met een vrouw die nauwelijks diepgang krijgt. Het boek houdt ineens op, zonder dat je het gevoel krijgt er iets culmineert of zo. Enfin, dat waren zo mijn gedachten. Die niet wegnemen dat Augie March een indrukwekkend meesterwerk is.

Nagieb Mahfoez: Arabische nachten en dagen

Arabische nachten en dagen van Nobelprijswinnaar Nagieb Mahfoez begint waar 1001 Nacht ophoudt. Sultan Shahrijaar is getrouw met Sjahrazaad, die zijn moordzucht met haar verhalen heeft uitgeput. ‘Ik heb mezelf opgeofferd om een eind te maken aan het bloedvergieten’, verzucht het meisje aan het begin van de roman, die bestaat uit een verzameling samenhangende verhalen.

De verwikkelingen zijn vermakelijk en bij vlagen kolderiek, terwijl je erdoorheen de kritiek proeft op de willekeur van de macht. Maar veel scherper dan die ene observatie van Sjahrazaad op de eerste bladzijden wordt het niet. Misschien ligt het aan mij, maar ik had van een politiek geëngageerde auteur als Mahfoez wat meer diepgang verwacht. Nu is het een vaardig geschreven boek dat je met veel genoegen leest, maar niet meer dan dat.

Twee romans van Daniël Dee

Precies vier weken geleden was ik voor het eerst weer eens in een kroeg, voor de presentatie van De geschiedenis van Marthe, het tweede deel van een tweeluik dat begon met De echo van mijn voetstappen. Inmiddels heb ik ze gelezen. Daniël Dee schetst in beide een Rotterdam dat tegelijkertijd rauwrealistisch en onwerkelijk is.

De eerste roman speelt zich af in een ontvolkt Bospolder-Tussendijken. De hoofdpersoon wordt wakker, de wijk is een eiland geworden en behalve hij is er niemand meer. Zijn plundertochten door de wijk om aan eten te komen, worden afgewisseld met korte verhalen. De tweede roman heeft een wat grotere actieradius in de stad. De hoofdpersoon verdient geld aan zijn gave om met doden te praten, maar dan komt er een serieuze zaak op zijn pad die alles op scherp zet.

Lees verder Twee romans van Daniël Dee

Kōbō Abe: The box man

Het overkomt me niet vaak dat ik geen chocola kan maken van een roman. Maar met The Box Man van Kōbō Abe maakte ik het dus weer eens mee. Het gaat over een man die zijn leven voort te zetten met een kartonnen doos over zijn hoofd. Door twee gaten in de doos bespiedt hij de buitenwereld, in het bijzonder een knappe jonge verpleegster.

Iemand probeert zijn doos te kopen, hij wordt beschoten onder een viaduct, er komt een dokter in beeld, wiens verhouding tot de verpleegster nogal onduidelijk is. Er zijn metapassages, waarin de hoofdpersoon zich afvraagt of hij ook de schrijver van de notities is. Tegen het einde komt er nog een soort van uitleg over de driekhoeksverhouding tussen doosman, dokter en verpleegster, maar als dat het is, dan is de roman een hoop cryptische poeha om niets. Enfin, ik kwam er dus niet uit.

Uwe Timm: Die Entdeckung der Currywurst

Het is eind april 1945. De Engelsen staan al aan de Elbe, Hamburg bereidt zich voor op een belegering. In de stad ontmoet een vrouw van middelbare leeftijd een jongeman die morgen naar het front moet. Ze brengen samen de nacht door. ’s Ochtends blijft hij liggen in het bed en wordt zo een deserteur – en (niet geheel tegen zijn zin) afhankelijk van een vrouw die weet dat ze nooit meer zo’n minnaar zal hebben als hij. Dat, in het kort, is het plot van Die Enteckung der Currywurst van de Duitse succesauteur Uwe Timm.

Het is in de eerste plaats een onzeker liefdesverhaal tegen een oorlogsachtergrond (dat slecht zijdelings met currywurst van doen heeft). Al lezende begon mij op te vallen hoe razendknap Timm omgaat met spanningsbogen in zijn verhaal. Hij springt in en uit zijn raamvertelling om de lezer even rust te gunnen en plotontwikkelingen voor te bereiden. Er zijn geen grote wendingen of verrassingen, maar toch is het enerverend. Wanneer de liefdesaffaire onvermijdelijk tot een eind komt, volgen nog drie episodes die ieder op een eigen manier het verhaal nog iets mooier rond maken. Je kunt deze novelle misschien wat sentimenteel vinden, maar Timm is een verteller van topniveau.

Stanislaw Lem: The futurological congress

De Poolse science-fictionschrijver Stanislaw Lem is vooral bekend van zijn twee maal verfilmde roman Solaris, over een denkende planeet. Ik kwam, min of meer toevallig, in het bezit van The futurological congress. Daarin is de hoofdrol weggelegd voor astronaut Ijon Tichy, bezoeker van het congres, dat antwoorden moet vinden op de schrikbarende overbevolking van de aarde. Tijdens het congres breekt een revolutie uit, die de regering probeert te counteren door drugs in het drinkwater te stoppen. In de daaropvolgende chaos wordt Tichy neergeschoten.

Hij wordt wakker in 2038, na jarenlang ingevroren te zijn. De wereld draait nu geheel op drugs, die zo specifiek zijn dat je er gericht illusies mee kunt opwekken. Bijvoorbeeld dat je de Nobelprijs hebt gewonnen of een indrukwekkende kunstverzameling bezit. De basisillusies, bijvoorbeeld dat de wereld helemaal geen overbevolkt hellegat is, worden verspreid via de lucht die iedereen inademt.

Lees verder Stanislaw Lem: The futurological congress

Ngũgĩ wa Thiong’o: A grain of wheat

Ngũgĩ wa Thiong’o is een van de groten in de Afrikaanse postkoloniale literatuur, zo’n auteur met een enorme vrijheidsdrang die hem eerst in conflict brengt met de koloniale machthebbers en later met de regering van het zelfstandige Kenia, net als Pramoedya Ananta Toer in Indonesië. A grain of wheat is een van zijn eerste romans, nog geschreven in het Engels, dat hij later zou inruilen voor het Gikuyu.

Net als bij After Lives van Nobelprijswinnaar Abdulrazak Gurnah, die overigens het voorwoord bij mijn editie schreef, draait het in deze roman om een aantal Afrikaanse mannen die verschillende keuzes maken in het leven. Kihika kiest voor de verzetsstrijd die hem het leven zal kosten, Karanja voor het Britse regime, Gikonyo kiest van alles wat, Mugo kiest nergens voor en wordt toch een held. En dan is er Mumbi, de zuster van Kihika, die trouwt met Gikonyo, een relatie heeft met Karanja en later haar toevlucht zoekt bij Mugo.

Lees verder Ngũgĩ wa Thiong’o: A grain of wheat