Niet alleen bij individuele bouwprojecten is circulaire omgang met materialen steeds vaker een vereiste. De eerste stappen naar normvorming zijn gezet. Bestaande normen moeten juist op de helling.

Ruim een jaar geleden verscheen het rapport Onderzoek mogelijkheden voor platform circulaire nieuwbouw, in opdracht van het standsontwikkelingsproject Living Lab Utrecht. De aanvankelijke inzet van het onderzoek was te bekijken hoe bouwen met herbruikbare materialen te stimuleren viel via een materialenplatform. Immers, hoe groter de totale markt van vraag en aanbod, hoe groter de kans op een match tussen beschikbaar en gezocht materiaal.

Gaandeweg het onderzoek bleek echter dat opdrachtgevers in de bouw het ontbreken van zo’n platform niet als het grootste obstakel ervaren. Dat zit veel eerder in het proces: de regelgeving en opdrachtverlening. ‘Circulair’ is een mooi hypewoord, maar wat betekent het nu precies? Hoe meet je de mate van circulariteit van een project? Kortom, de bouwende partijen zaten vooral te wachten op heldere normen. En vervolgens op klanten die heldere opdrachten verstrekken op basis van die normen. Daarna ontstaat er vanzelf meer vraag naar hergebruikte materialen en dus een grotere markt.

Echt verbazingwekkend was die uitkomst niet, zegt Bas Slager van ingenieursbureau Repurpose, een van de opstellers van het rapport: ‘Mensen vinden het fijn om te blijven doen wat ze al deden. Als er dan een verandering op gang komt, willen ze duidelijke kaders. Niets is zo vervelend als eisen die bij ieder project weer anders zijn.’

Lees meer Normen voor en tegen circulair bouwen

GroenLinks is de eerste linkse partij die openlijk aankondigt haar milities te gaan bewapenen. Dat gebeurt zowel om de achterban te beschermen tegen rechts geweld als om de eigen politieke punten door te drukken.

Nadat Farmers Defence Force (FDF), de gewapende tak van Forum voor Democratie, met succes een machtswissel in de provincie Noord-Brabant forceerde, is bij links Nederland een knop omgegaan over de effectiviteit van geweldloos verzet. Bij eerdere boerenprotesten was al duidelijk geworden dat fysiek machtsvertoon in de openbare ruimte op meer begrip bij de politie kon rekenen dan geweldloze sit-ins vóór milieumaatregelen. Vasthouden aan de bestaande actiestrategie was daarom niet langer zinvol.

‘Het was een moeilijk besluit, want onze partij heeft een lange geschiedenis van pacifisme’, zei partijleider Jesse Klaver tijdens een haastig bijeen geroepen persconferentie. ‘Bovendien, zodra wij ons weerbaar opstellen beginnen mensen direct Pim Pim Pim te kwetteren, maar dat is niet het soort maatregelen dat wij voor ogen hebben. Je moet eerder denken aan het meenemen van prikkeldraad naar demonstraties en bezettingen om te zorgen dat onze actievoerders langer standhouden.’

Lees meer GroenLinks gaat milities bewapenen

Wanneer je een film maakt over een notoir gewetenloos media-imperium als Fox News moet je natuurlijk op je tellen passen. Voor je het weet heb je een haatcampagne en/of rechtszaak aan je broek hangen. Dus ik kan me voorstellen dat de scenaristen van Bombshell zo dicht mogelijk bij de waarheid zijn gebleven. Het resultaat is in elk geval een nogal brave film over een brisante kwestie, het structureel seksueel intimederen van vrouwen door de mannen aan de top van Fox News.

Charlize Theron en Nicole Kidman spelen de twee vrouwen die zaak aanhangig maakten, beiden gestaalde blondines zonder gezichtsexpressie van het type waarin Fox grossiert. Hun spel is noodzakelijk minimaal. Het gevolg daarvan is dat Margot Robbie mag excelleren als Kayla Pospisil, een fictief karakter waar de scenaristen zich dus meer vrijheden mee konden veroorloven. Robbie is het ambitieuze jonkie dat gaandeweg leert welke mores er bij de zender heersen. Ongemak en verbijstering zijn van haar gezicht af te lezen.

Al met al is Bombshell geen slechte film, maar ontbeert hij de spanningsboog die andere klokkenluiderfilms vaak wel hebben. Het zijn de actrices, en dan met name Robbie, die de zaak overeind houden.

Euthanasie, seks en revolutie, dat zijn de ingrediënten van Ayu Utami‘s roman Larung. Wat de drie onderwerpen gemeen hebben is dat ze geen gebruikelijk gespreksonderwerp zijn in Indonesië. Althans, niet in het openbaar. De openhartigheid van Utami opende een heel nieuw genre in de Indonesische literatuur.

Larung, de hoofdpersoon van de roman, is een stille jongeman die in het eerste deel zijn dementerende grootmoeder ombrengt door beheksing. Daarna verdwijnt hij buiten beeld voor de liefdesperikelen van een groep jonge vrouwen in de aanloop naar de val van Suharto. Larung keert in het derde deel terug als een leider van het verzet tegen de dictatuur die een aantal jongemannen in veiligheid moet brengen.

De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat Larung als roman matig geslaagd is. Daarvoor hangen de delen teveel als los zand aan elkaar (met name deel 1 is als zelfstandig verhaal overigens wel heel geslaagd). Maar daar ligt dan ook niet de betekenis van het boek. Het gaat erom wát er verteld wordt, niet hoe. De betekenis van deze roman is in de eerste plaats lokaal, Indonesisch.

Partijleider Thierry Baudet van Forum voor Democratie heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen Khadija Arib. De parlementsvoorzitter zou niet onpartijdig zijn.

‘Toen ik voor de zoveelste keer in de rede werd gevallen tijdens een briljante speech, heb ik eens wat onderzoek gedaan naar deze mevrouw’, vertelt Baudet. ‘Zo kwam ik erachter dat ze lid is van de PvdA. Ongelooflijk dat dit nooit eerder iemand is opgevallen. Die vrouw is aangesteld door de kartelpartijen om hun belangen veilig te stellen. Geen wonder dat ze me nooit laat uitpraten.’

Volgens Baudet bevoordeelt Arib consequent de linkse partijen bij het verdelen van spreektijd. Met name de kabinetspartijen zouden onevenredig vaak aan bod komen. ‘Bij belangrijke zaken mag zowel Mark Rutte als Klaas Dijkhoff namens de VVD het woord voeren, terwijl ik het in mijn eentje moet doen. Dat klopt toch niet?’

Lees meer Thierry Baudet wraakt Khadija Arib

Twee jonge vrouwen reizen af naar een afgelegen dorp op Java, waar ze in een verlaten huis naast een begraafplaats trekken. Ik zal verder geen spoilers weggeven, maar ook in een Indonesische horrorfilm is dat een aanwijzing dat er wel eens vervelende dingen zouden kunnen gaan gebeuren. Impetigore is een glad geproduceerde (met dank vermoedelijk aan de Koreanen van CJ Entertainment) genrefilm waarin hoofdrolspeelster Tara Basro lekker los mag gaan.

Horror is niet mijn ding, maar ik ga nu eenmaal alle Indonesische films zien, als het even kan. Wat mij het meest opviel is dat de oude Javaanse cultuur als iets exotische gepresenteerd wordt, iets uit vervlogen tijden. De twee vrouwen spreken onderling Indonesisch. Javaans verstaan ze niet. Wayang-poppenspeler is een oud ambacht. Misschien is dat gedaan voor het effect en voor de Aziatische markt. Meestal is het bovennatuurlijke een normaal aspect van het leven, ook in het moderne Indonesië.

Enfin, ik heb me vermaakt, maar niet meer dan dat. Voorlopig blijf Marlina the Murderer (2018) verreweg de beste Indonesisch film die ik gezien heb.

Politieke partijen bieden tegen elkaar op in hun verwachtingen hoeveel mensen aan het werk geholpen zullen worden dankzij de voorstellen van de commissie Borstlap.

Een commissie onder leiding van oud-topambtenaar Hans Borstlap presenteerde vorige week een verregaand voorstel om een eind te maken aan misstanden rond flexibele arbeidsrelaties. Deze zouden zoveel mogelijk ingeruild moeten worden voor vaste contracten waaruit je ieder moment zonder vergoeding ontslagen kunt worden als je baas maar zegt dat je er niks van bakt.

‘Ons advies verenigt het beste van twee werelden’, zegt Borstlap trots. ‘Bazen kunnen flexibeler omgaan met hun personeel en arbeiders krijgen de worst van een duurzame arbeidsrelatie voorgehouden. Dat laatste gebruiken we in plaats van vast contract, omdat sommige werkgevers dat een vies woord vinden. Er hangt een ongewenste associatie rond die term. Met duurzaam kun je echt alle kanten op.’

Lees meer Explosie aan nieuwe banen door adviezen Borstlap

Telkens wanneer ik een boek over Nederlands Indië lees, valt me op hoe weinig dat land te maken heeft met de plaats waar ik opgroeide – geografisch op dezelfde plek, maar er verder een wereld van verwijderd. De laatste keer dat ik er was, vertelde iemand me dat Nederland hier ooit de baas geweest was. Hij leek het een bizar weetje te vinden dat hij graag met me deelde voor het geval ik het niet wist.

Enfin, met die context begon ik dus (eindelijk) aan De tolk van Java van Alfred Birney. De hoofdmoot van deze autobiografische roman beslaat de memoires van Arto Noland, de vader van de ik-figuur, die tijdens de Japanse bezetting en de aansluitende Indonesische vrijheidsoorlog de ene na de andere tegenstander van de Nederlanders ombrengt met zwaarden, dolken en alles wat hij maar in handen heeft. Daaromheen vertelt Birney het verhaal hoe deze getraumatiseerde massamoordenaar eenmaal in Nederland een gezin sticht en dat vervolgens terroriseert.

Een vrolijk boek is het niet, wel dwingend en zakelijk geschreven over een deel van de Nederlandse geschiedenis dat er doorgaans bekaaid vanaf komt – ook in Indonesië zelf. In een artikel (in het Indonesisch) dat ik vond over de actie rond Bondowoso waar het in de roman over gaat, las ik niks over wreedheden van Nederlandse kant, alleen over het dappere verzet tegen de agresi militar Belanda. En ik vond een foto van Indonesische jongeren die het graf schoonmaken van Djemilah Birnie, een voorouder van de auteur. Het trauma van de geschiedenis, hoe gewelddadig ook, is aan het wegslijten.

Sinds 2019 hebben apothekers, met name binnen academische ziekenhuizen, meer wettelijke mogelijkheden om gepatenteerde medicijnen zelf te maken. Zo ontnemen ze fabrikanten revenuen om dure ontwikkeltrajecten terug te verdienen – zeggen die fabrikanten. Moesten ze maar niet zulke onredelijk hoge prijzen rekenen, riposteren de ziekenhuizen.

De zogeheten apothekersvrijstelling werd twintig jaar geleden door de Tweede Kamer goedgekeurd, als onderdeel van een Europees verdrag dat nooit in werking trad. Daardoor hebben apothekers al twee decennia niet de vrijheid om zelf medicijnen na te maken, hoewel daar wel politiek draagvlak voor bestaat. Het gaat hierbij vooral om zogeheten weesgeneesmiddelen, die in beperkte hoeveelheden nodig zijn tegen zeldzame ziekten.

Uit frustratie gooide het Amsterdamse UMC in 2018 de knuppel in het hoenderhok door zelf chenodeoxycholzuur (cdca) te maken, een middel tegen de zeldzame, erfelijke stofwisselingsziekte cerebrotendineuze xanthomatose, waaraan in Nederland zo’n vijftig mensen leiden. De prijs van cdca, dat ooit voor een andere ziekte werd ontwikkeld, steeg van enkele honderden euro’s in de jaren tachtig naar meer dan 160.000 in 2018. Het UMC kon het zelf voor 25.000 euro maken. De fabrikant, die voor de nieuwe toepassing een nieuw octrooi had verworven, stond op zijn achterste benen.

Lees meer Strijd om gepatenteerde medicijnen

In geval van een Nexit kan Nederland rekenen op steun van de Duitse extreem-rechtse partij Alternative für Deutschland. Het weekblad Stern heeft de hand weten te leggen op plannen daarvoor.

‘Onze Nederduitse broeders en zusters dreigen buitengesloten te worden van handel met ons land wanneer ze niet meer aan in Duitsland geldende kwaliteitsregels voldoen’, stelt het AfD-document. ‘Dat zou een ongehoorde straf zijn voor de bevrijding van Nederland. Daarom moet er in de Duitse wetgeving ontheffing van kwaliteitscontrole komen voor Nederlandse producten. Patriottisme kan immers niet zonder Europese solidariteit.’

Omdat de binnenlandse markt klein is, vreest de AfD dat Nederlandse bedrijven ook bij een Nexit Europese regels zullen volgen, omdat ze anders niet efficiënt voor de export kunnen produceren. Nederland is dan eigenlijk nog steeds aan Europese regels gebonden, maar heeft er niks meer over te zeggen. ‘Dit kan ertoe leiden dat mensen de zinnigheid van Europese regels gaan inzien en dat is niet in ons belang’, stelt het document.

Lees meer Duitse plannen voor Nexit uitgelekt