Mensen kunnen een innige band opbouwen met dieren, dus waarom ook niet met robots, als die hen bijvoorbeeld bijstaan aan hun ziekbed? Anderzijds zijn er genoeg redenen te verzinnen waarom een zorgrobot menselijk contact niet kan vervangen.

Vanwege de vergrijzing zal de vraag naar zorg de komende decennia snel toenemen. Dat vraagt om dure arbeid, dus ligt automatisering voor de hand. Er zijn al robots die in ziekenhuizen het eten rondbrengen of pillen doseren. In de zorg wordt ook de knuffelrobot Paro ingezet, als kameraad voor ouderen om voor te zorgen. Je mag ervan uitgaan dat dit nog maar het begin is.

‘De logische angst is dat door de inzet van robot de bekommernis om mensen verdwijnt’, zegt dr. Mark Coeckelbergh. ‘Maar in werkelijkheid zitten zorgverleners nu al zo krap in de tijd, dat aandacht voor de mens er vaak bij inschiet. Inzet van robots voor routineklussen kan de kwaliteit van de zorg dan juist verbeteren.’

Lees meer Robots nemen de zorg op zich

Medische systemen, zoals het Elektronisch Patiënt Dossier (EPD) beïnvloeden de manier waarop medici, verzekeraars en patiënten met elkaar omgaan. Dat heeft ethische implicaties, die nog niet echt in beeld gebracht zijn.

Het EPD lijkt zo handig: als je een ongeluk krijgt, kunnen ze bij de eerste hulp meteen in je dossier bij de huisarts kijken, zodat ze niet per ongeluk een pijnstiller geven waar je alergisch voor bent. Die openheid van informatie heeft echter ook een keerzijde: moeten ze bij de eerste hulp bijvoorbeeld ook over je psychische problemen weten, die in datzelfde dossier staan? En dat is dan nog een eenvoudig voorbeeld.

Lees meer Medische systemen en beslisbevoegdheid

Een schrijversechtpaar woont in een rustig deel van Tokyo. Onmin is er niet, maar ze leven ook voor een belangrijk deel langs elkaar heen. Dan wandelt de kat van de buren steeds vaker bij hen binnen. Beiden ontwikkelen ze een eigen relatie met het dier. Dat eenvoudige gegeven ligt ten grondslag aan The guest cat van Takashi Hiraide (in het Nederlands: De kat). Het wordt ook niet veel ingewikkelder.

Haraide neemt rustig de tijd om het oude huis rond een binnenplaats te beschrijven, de traditioneel vormgegeven tuin, een kleine enclave waar het leven in alle kalmte voorbij kan trekken. De kat komt aanwaaien, krijgt af en toe een visje, raakt zo vertrouwd met het echtpaar dat hij soms blijft slapen. Langzaam gaat hun leven om de kat draaien. Onvermijdelijk komt de dag dat het dier wegblijft. Ook die wending leidt niet tot groot drama.

De novelle is traag, het plot minimaal. Normaal gesproken heb ik daar geen geduld mee. Maar door deze 140 melancholische pagina’s gleed ik moeiteloos heen. Dat is te danken aan de serene schrijfstijl van Takashi Hiraide. De traagte komt niet voort uit zinloze uitwijdingen, maar door liefdevolle beschrijvingen van het leven rond de binnenplaats. Zo precies maat houden, het is weinigen gegeven.

Mensen zijn erg gericht op de korte termijn. Dat maakt het moeilijk om hen ervan te overtuigen dat ze duurzaam in het leven moet staan, want milieu is een zaak van de lange adem.

‘Technologie is van oorsprong bedoeld om ons te beschermen tegen het milieu’, vertelt dr. Andreas Spahn. ‘We bouwden huizen om ons te beschermen tegen het weer, schepen om ons veilig over het water te bewegen. Het lijkt er echter op dat de technologie de laatste honderd jaar een gevaar voor de natuur is geworden. Dat vraagt om een andere manier van denken erover.’

De vraag is of de westerse manier van denken daarvoor is toegerust. De klassieke ethiek gaat vooral over de korte termijn: wat zijn de morele consequenties als ik iets doe dat een onmiddellijk effect heeft, bijvoorbeeld een ander mishandelen of iets stelen? Wanneer de mens via de technologie handelt, worden de consequenties vaak al minder overzichtelijk. Laat staan wanneer de effecten zich pas over de lange termijn opdringen. In andere culturen is de natuur soms meer een waarde op zich, waardoor duurzaamheid zich eenvoudiger in de manier van denken laat integreren.

Lees meer Duurzaam leren denken voor de lange termijn

Om een goede afweging te maken tussen kernenergie en andere vormen van energieopwekking, moet je eerst helder maken wat je onder kernenergie verstaat. Afval blijft hét probleem.

Bij discussies over kernenergie is het al gauw: voor of tegen? Dat is ook een hele valide vraag vindt ir. Behnam Taebi, maar voor je die zinnig kunt beantwoorden, moet je eerst goed in kaart brengen wat kernenergie is. ‘Dat is namelijk geen bulktechniek’, legt hij uit. ‘Er zijn allerlei varianten, in de manier van opwekking en in het afval dat ze achterlaten. Welke je kiest, heeft gevolgen voor de ethische afweging of het, voor zowel huidige als toekomstige generaties, rechtvaardig is om die te gebruiken.’

Op dit moment zijn er ruwweg twee technieken in gebruik. De ‘Amerikaanse’ methode gebruikt alle splijtstof één keer en slaat het restproduct dan ondergronds op, waar het 200.000 jaar lang radiotoxisch blijft, ofwel op een gevaarlijk niveau radio-actief. De ‘Europese’ methode, ook wel bekend als de gesloten cyclus, hergebruikt de splijtstof, zodat uiteindelijk afval overblijft dat nog maar 10.000 jaar radiotoxisch is. Dat laatste klinkt beter, maar het recyclen van de splijtstof kost veel energie en je moet meer nucleaire activiteiten ondernemen, met alle gevaren van dien. Bovendien brengt het veel transport van gevaarlijk materiaal met zich mee, dat bovendien geschikter is om kernwapens mee te maken.

Lees meer De dilemma’s van kernenergie

Een handvol gele hesjes mocht op bezoek bij de premier in het torentje. Een van hen weigerde hem de hand te schudden. Vervolgens ging het daarover, niet over het onderwerp van gesprek. Anderen vroegen zich af waarom een handvol boosburgers wel werd toegelaten tot het epicentrum van onze regering en serieuze demonstranten niet. Men rekende dit de premier aan.

Ik snap het wel. Dit soort gesprekken zijn voor de premier een verzetje. Serieus georganiseerde demonstranten willen een serieus gesprek. Daarvoor moeten ze bij de vakminister zijn. Die gaat de premier niet passeren door in zijn torentje verwachtingen te wekken. Wat wel kan: gezellig een beetje babbelen met hardnekkige hesjes of begeesterde scholieren. Staat leuk qua stukje contact naar de burger toe. En daarna weer aan het werk. (sg)

Persuasive technology is een verzamelnaam voor alle technologie die tot doel heeft mensen ergens toe aan te zetten. Hun gordel aan te doen in de auto, bijvoorbeeld, of de verwarming een graadje lager te zetten.

Eigenlijk is persuasive technology een dubieuze vondst, erkent dr. Andreas Spahn. ‘We ervaren het als het meest fatsoenlijk wanneer je door praten iemand overtuigt. Dwingen of manipuleren wordt als onjuist gezien. Persuasive technology zit doorgaans tussen overtuigen en manipuleren in, al zijn er ook dwingende voorbeelden.’

Dat laatste manifesteert zich bijvoorbeeld bij RSI-programma’s, die de gebruiker voor zijn eigen bestwil tot een pauze dwingen door de pc een paar minuten af te sluiten. Meestal houdt de technologie het echter bij (hinderlijk) waarschuwen, zoals een knipperend lampje of een pieptoon als een bestuurder zijn autogordel niet omdoet. Ook een stoplicht is in feite een vorm van persuasive technology, zei het met een juridische stok achter de deur in de vorm van een boete als je het negeert. Een ander voorbeeld is de Wattson Energy Meter, een apparaatje dat het elektriciteitsverbruik in huis vertaalt in een sfeerlicht en zo een signaal afgeeft hoe zuinig de bewoners leven. Als het licht erg rood wordt, zou dat mensen ertoe moeten aanzetten eens wat apparaten uit te zetten.

Lees meer Persuasive technology daagt de mens uit

In bijvoorbeeld de medische wereld nemen apparaten delen van beslissingen over van mensen. De vraag is wat dit doet voor het vertrouwen dat mensen hebben in beslissingen van zichzelf en van anderen.

Politici, psychologen, marketeers, moralisten, sociologen – allemaal bedoelen ze iets anders als ze ‘vertrouwen’ zeggen. Vaak is vertrouwen een maat voor de kans om iets van iemand gedaan te krijgen, bijvoorbeeld een product kopen of op een partij stemmen. Vertrouwen is in dat laatste geval een instrument in een transactie. Dat is niet wat dr. Philip Nickel onder vertrouwen verstaat.

‘Ik zie vertrouwen als een overdracht van moraal’, zegt hij. ‘Je vertrouwen in iemand stellen, betekent dat je je door hem laat beïnvloeden bij het nemen van een ethische beslissing, en hem er ook op aanspreekt als hij je teleurstelt.’

Lees meer Vertrouwen in het tijdperk van de machine

Bij veel grote (politieke) beslissingen zijn de gevolgen niet met zekerheid voorspelbaar. Er is dus een risico dat het verkeerde besluit valt over bijvoorbeeld de opslag van nucleair afval. Hoe ga je met die onzekerheid om?

Stel dat mensen erg bang zijn dat de ondergrondse opslag van het broeikasgas CO2 onder hun woonplaats zal leiden tot een ‘blow out’, waarbij het gas in grote hoeveelheden ontsnapt en, omdat het zwaarder is dan lucht, iedereen verstikt. Wetenschappers zijn geneigd te reageren dat de kans hierop extreem klein is. Dat kunnen ze onderbouwen met kansrekening. Veel mensen vinden dat soort sommetjes onbevredigend. Liever doen ze een beroep op het voorzorgsprincipe, dat stelt dat je bij de geringste kans op grote gevolgen, voor huidige of toekomstige generaties, moet afzien van een bepaalde technologie.

Lees meer Ethisch omgaan met risico’s en beslissingen

Wetenschappers dragen verantwoordelijkheid voor de gevolgen van hun onderzoek. Dat klinkt logisch, maar de praktijk is veel weerbarstiger, omdat die gevolgen vooraf vaak niet te voorzien zijn.

‘Een poos geleden hebben wij de ontwikkeling van een nieuwe rioolwaterzuivering begeleid’, vertelt dr.ir. Ibo van de Poel. ‘Het ging om een technologie waarbij de bacteriën in bolletjes zaten. Dat beloofde zuiver water met minder grondbeslag. Wij waren erbij gehaald om mee te denken hoe je omgaat met de risico’s die bij de invoering van een nieuwe technologie horen. Omdat het water sneller gezuiverd werd, bestond bijvoorbeeld de kans dat de secundaire emissies hoger zouden zijn. Dit zijn emissies, zoals hormonen, waarvoor geen wettelijke normen bestaan, maar die je wel in de hand wilt houden.’

‘Al snel bleek dat er weinig expliciet geregeld was. De ontwerpers vonden dat dit probleem in de gebruiksfase moest worden opgelost, omdat de effecten zich moeilijk lieten voorspellen. De gebruikers wilden echter dat de risico’s al in de ontwerpfase waren afgedekt.’

Lees meer Verantwoordelijkheid heeft vele vaders