Aanbevolen romans en novellen

Olga Tokarczuk: De rustelozen

Is het eigenlijk wel een roman, De Rustelozen van Nobelprijswinnares Olga Tokarczuk? Die vraag begint zich na een pagina of tachtig op te dringen, als het tot de lezer begint door te dringen dat hij misschien niets meer gaat horen over Kunicki, de man wiens vrouw en dochtertje spoorloos verdwijnen op hun vakantie-eiland. Er is een ik-verteller, maar er zijn ook losse anekdotes en andere, niet afgeronde vertellingen.

In de loop van het boek beginnen zich de thema’s op te dringen: reizen, ontworteling, de ontleding van het menselijke lichaam – allemaal verschijnselen van de rusteloosheid uit de titel. De eenheid zit niet in de verhaallijnen, maar in de beelden, details en intuïtieve verbanden. ‘Constellatieromans’ noemt Tokarczuk het zelf. Heel knap en innovatief, ik heb het gefascineerd en in hoog tempo gelezen. Maar na afloop vroeg ik me wel een beetje af of Tokarczuk werkelijk iets te vertellen heeft.

Hans van Willigenburg: Houden van Trump

In de debuutroman van dichter Hans van Willigenburg heeft Donald Trump een beetje de rol die alcohol heeft in het werk van Charles Bukowski. De cynische cabaretier die de hoofdpersoon is van Houden van Trump weet ergens wel dat zijn obsessie met de Amerikaanse president weinig goeds gaat brengen, maar het genot van de ontregeling is te groot. Hij geniet van de optredens, hij fluistert Donalds naam in het oor van een escortdame, hij zoent het televisiescherm.

Het fijne aan Donald Trump is niet diens grootse prestatiedrang, maar de weerzin die hij bij anderen oproept. De cabaretier geniet met volle teugen. Ondertussen is een gehaaide, rancuneuze journaliste bezig zijn geheim te openbaren, wat desastreuze gevolgen zou kunnen hebben voor zijn carrière. Maar heeft ooit een alcoholist een biertje laten staan omdat één of ander wijf moeilijk dreigde te gaan doen. Nee toch?

Hans (hij is mijn uitgever bij Douane) zal het me maar moeten vergeven dat ik hem literair lager aansla dan Bukowski. Hij maakt het zichzelf ook niet makkelijk door te kiezen voor het perspectief van de tweede persoon enkelvoud. Stilistisch wordt dat al snel enigszins geforceerd. Dat neemt echter niet weg dat Houden van Trump een heerlijke roman is over hedendaagse mediagekte.

David Grossman praat bij B&M over Het leven speelt met mij

Oorspronkelijk zou David Grossman in het voorjaar naar Rotterdam komen om bij Boek & Meester te praten over zijn nieuwe roman Het leven speelt me mij. Toen werd het najaar en uiteindelijk wordt het een virtueel interview, aanstaande zaterdag 17 oktober om 20 uur. Er is beperkt plaats voor publiek in Arminius, maar het gesprek tussen Grossman en Ernest van der Kwast is ook via Zoom te volgen (kaartjes).

De roman gaat over Vera, een Joodse communiste die in de Tweede Wereldoorlog samen met de liefde van haar leven als partizaan vocht, maar daarna in ongenade is gevallen. Omdat ze weigert haar man af te vallen, wordt ze naar een strafkamp gestuurd. Haar dochter Nina wordt bij een tante ondergebracht. Voor het meisje voelt dat als verraad: haar moeder had ook kunnen kiezen de loyaliteit aan haar kind voorrang te geven boven die aan haar man.

Lees verder David Grossman praat bij B&M over Het leven speelt met mij

Vier keer Moldaviet: Neruda, Hostovský, Šindelka, Kriseová

Er zouden meer series moeten zijn als de Perlouses en Moldaviet van uitgeverij Voetnoot, mooie reeksen korte verhalen en novellen die een staalkaart bieden van een literaire cultuur, in genoemde gevallen de Franse en Tsjechische. Omdat ik een poosje in Praag gewoond heb, volg ik met name de Moldaviet met grote belangstelling, al liet ik de jongste vier delen veel te lang in de kast staan voor ik ze las.

Praagse kleine luyden is een novelle van Jan Neruda uit 1877, over een rechtenstudent die naar een rustige buurt denkt te verhuizen, zodat hij zich op een belangrijk examen kan voorbereiden. Al snel blijkt het grote huis waar hij een kamer huurt een web van kluchtige intriges te zijn waar hij onvermijdelijk in verstrikt raakt (en ook een beetje omdat hij niet zo heel veel zin heeft in zijn examens). De thematiek is enigszins gedateerd, maar de vertelwijze van Neruda is in de vertaling van Kees Mercks opmerkelijk eigentijds.

Lees verder Vier keer Moldaviet: Neruda, Hostovský, Šindelka, Kriseová

Lucy Ellmann: Ducks, Newburyport

Ruim twintig jaar geleden las ik Man or Mango van Lucy Ellmann. Een schrijfster om in de gaten te houden, dacht ik toen. Toch vergeten. Tot vorig jaar Ducks, Newburyport op de shortlist van de Booker belandde. Een dikke pil van duizend pagina’s, goeddeels bestaand uit één zin. Het fascineerde me direct, al zag ik er ook een beetje tegenop. Inmiddels heb ik het uit. Wat een indrukwekkende prestatie – en in weerwil van de premisse ook goed leesbaar.

De roman is een stream of consciousness van een nerveuzige huisvrouw in Ohio, die haar gedachten laat gaan over wapenbezit, Amerikaanse filmsterren, poffertjes, haar honden, Donald Trump, maar vooral over haar verhouding tot haar overleden moeder en haar oudste dochter Stacey. Een plot is er niet in de lange opeenvolging van associaties, maar langzamerhand krijg je als lezer wel een beeld van deze vrouw, die een wetenschappelijke carrière heeft laten lopen en nu geld verdient met het bakken van taarten. Tegen het eind gebeurt er zelfs iets waardoor er een thriller-element in het narratief sluipt. Al met al een beklemmend beeld van het hedendaagse Amerika.

Lees verder Lucy Ellmann: Ducks, Newburyport

Aleksandr Skorobogatov: De wasbeer

Het is niet moeilijk om een absurdistische hervertelling van het bijbelboek Job te zien in De wasbeer van Aleksandr Skorobogatov, de Witrussische auteur die sinds jaar en dag in België woont. Het zit hem namelijk niet mee in het leven, deze wasbeer. Zijn ouders, broers en zussen worden opgepeuzeld door de wolven. Zijn geliefde gaat de showbizz in, wat inhoudt dat ze opgezet in een natuurhistorisch museum belandt. Maar hij slaat zich erdoorheen en vindt uiteindelijk troost bij God de Heer, die hem leert golfen.

Op weg daarheen snelt de wasbeer van het ene avontuur naar het andere, solliciteert tevergeefs bij de grootste commerciële bank ter wereld, rijdt op een locomotief die geen rails nodig heeft, levert strijd met aliens, probeert te vliegen, breekt al zijn ledematen ontelbare malen en overweegt om de haverklap zelfmoord, als zijn leven al niet om andere redenen aan een zijden draadje hangt. In alles wordt hij achtervolgd door de schrijver, die het verhaal vertelt aan zijn metgezel, de lezer. Ergens halverwege zetten schrijver en lezer het samen op een zuipen, waardoor ze een cruciale passage missen waarin de wasbeer trouwt met een overspelige haaibaai.

Kortom, wie niet per se gehecht is aan logica komt danig aan zijn trekken in deze roman over een nietige eenling die zich door het leven worstelt. Het boek heeft één zwaar minpunt: het babbelt als een dolle. Alsof je Herman Brusselmans leest. Dat is eventjes leuk, maar dik 500 pagina’s houdt een mens niet vol. Wie op iedere pagina de helft overslaat, mist niks. Op dit vlak had een eindredacteur goed werk kunnen leveren.

Yoko Ogawa: The housekeeper and the professor

Een alleenstaande moeder gaat werken als huishoudster van een wiskundige die na een ongeluk alleen zijn laatste tachtig minuten kan onthouden, dus geen nieuwe herinneringen meer aanmaken. Iedere dag opnieuw stelt ze zich voor. Iedere dag werkt hij aan zijn rekenkundige problemen. Op een gegeven moment wordt ook haar zoontje vaste gast in het krappe appartement. Dat is de premisse van The housekeeper and the professor van Yoko Ogawa.

Tussen het drietal ontwikkelt zich een merkwaardige genegenheid. De huishoudster en haar zoon hechten zich aan de hulpeloze oude man. De professor zelf hecht zich iedere dag opnieuw aan hun aanwezigheid. Samen ondernemen ze kleine dingen, bijvoorbeeld een bezoek aan de kapper. Het grote avontuur is een bezoek aan een honkbalwedstrijd. De professor kent alle statistieken uit zijn hoofd, maar hij heeft nog nooit een echte wedstrijd bijgewoond.

Er staan nogal wat formules in deze roman, want de professor neemt zijn missie serieus om zijn gasten wat bij te brengen over getaltheorie. De verdienste van Yoko Ogawa is dat zij de theorieën volkomen ongeforceerd in het verhaal weeft. Het is een literaire juxtapositie, de eeuwigheid van de getallen tegenover de vergankelijkheid van het leven. In alle kleine wendingen zit betekenis, tot aan de laatste zin toe. Een knap maar ook ontroerend meesterwerk.

Friedrich Dürrenmatt: De val, Pech, Smithy

De val, Pech, Smithy is een bundel met drie verhalen van Friedrich Dürrenmatt. Het eerste gaat over de zitting van een (Russisch) politburo, waar één lid niet komt opdagen en vervolgens de machtsverhoudingen dramatisch beginnen te verschuiven. In het tweede verhaal strandt een handelsreiziger in een dorpje, waar hij deelneemt aan een spelletje van een groepje gepensioneerde juristen, die hem steeds verder in het nauw drijven. Smithy, de hoofdpersson in het derde verhaal, ruimt lijken op voor de maffia in New York, een baantje dat geen garantie biedt op een rustige oude dag.

De Zwitser Dürrenmatt (1921-1990) is een ouderwetse verhalenverteller: kop, staart, plot, pointe. De Val en Smithy vond ik een beetje voorspelbaar, maar Pech was vindingrijk, met een hoofdpersoon die een verontrustende ontwikkeling doormaakt. Het is een van Dürrenmatts bekendste verhalen, dat ook voor radio, televisie en toneel bewerkt werd. Dit is zo’n boekje dat je met heel veel plezier leest, maar dat ook snel weer wegwaait uit je geheugen.

Max Frisch: Homo faber

Homo faber van Max Frisch geldt als een van de hoogtepunten van de naoorlogse Duitstalige literatuur. Dat komt door de rijkheid aan thema’s die Frisch aansnijdt: kunst en technologie, weemoed naar de jonge jaren, ratio versus emotie, Griekse mythologie, toeval en lot. Over dat laatste struikelde ik. Het was allemaal wel heel geforceerd.

Walter Faber is een wijfelmoedige ingenieur van vijftig jaar, die als een soort James Bond grote aantrekkingskracht uitoefent op 25 jaar jongere vrouwen. Hij overleeft in Mexico een vliegtuigongeval met een man die de broer blijkt te zijn van een studievriend. Ze gaan samen naar Guatemala, waar de studievriend zelfmoord blijkt te hebben gepleegd. Later op een schip naar Europa ontmoet Faber een jonge vrouw die de dochter blijkt te zijn van wie hij niet wist of hij die had. Al die tijd verlangt hij wanhopig terug naar zijn jeugdliefde Hanna, terwijl hij kennelijk nooit eerder de behoefte heeft gevoeld haar op te sporen.

Enfin, er trekt een spoor van psychologische ongerijmdheden en toevalligheden door deze roman. Betekenisvolle passages en nodeloos (seksistisch) gebabbel wisselen elkaar moeiteloos af. Wat voor Max Frisch pleit is dat hij me niettemin 200 pagina’s lang geboeid heeft. Het las lekker weg, terwijl Duits niet mijn beste taal is. De vertelvaardigheid van Frisch heeft de tand des tijds doorstaan, maar voor het verhaal geldt dat, vrees ik, niet.

Edwin Abbott Abbott: Flatland

Flatland van Edwin A. Abbott is een van de raarste romans die ik ooit gelezen heb. De hoofdpersoon is A. Square, een vierkant dat leeft in een tweedimensionale wereld. In het eerste deel leidt hij de lezer rond in zijn samenleving. In het tweede deel bezoekt hij Lijnland, waarvan hij de bewoners voor simpele zielen verslijt omdat ze zich zijn tweedimensionale wereld niet kunnen voorstellen, om zich vervolgens dankzij een bezoeker uit Ruimteland te realiseren dat zijn eigen voorstellingsvermogen ook beperkt is.

De roman hinkt op drie gedachten. Ten eerste is het een satire op de starre gedragsnormen van de Victoriaanse samenleving (het boek dateert uit 1884). In de tweede plaats is het een lesje in geometrie. En tot slot is het een filosofische beschouwing over het menselijke tekort. Abbott studeerde op zijn 23ste cum laude af in de klassieke talen, wiskunde én theologie, en dat klinkt allemaal in het verhaal door. Zijn carrière speelde zich af in het onderwijs en ook dat valt te merken.

Al met al is het moeilijk te zeggen of dit nou een goede roman is. Daarvoor wijkt het teveel af van de standaard, al is hij ergens wel verwant aan Gulliver’s reizen. Het is ook een uitdaging om te lezen als je niet bekend bent met geometrische concepten, vermoed ik. Maar voor wie eens iets totaal anders wil lezen dan een psychologische roman, valt dit zeer aan te bevelen.